Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26 oktober 2016
ECLI:NL:GHARL:2016:10782Zaaknummer 08-730478-16
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 26 oktober 2016
- Publicatiedatum
- 12 september 2018
- Zaaknummer
- 08-730478-16
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep, Beschikking
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Art. 65 Sv. De rechter-commissaris heeft de bewaring afgewezen ten aanzien van de onder 1 primair verweten gedraging, te weten een poging tot doodslag. De officier van justitie heeft daartegen geen hoger beroep ingesteld. De raadkamer van de rechtbank heeft zonder daartoe strekkende vordering van de officier van justitie de gevangenhouding alsnog mede doen strekken tot die poging tot doodslag. Het hof acht dit onjuist. De beschikking zal in zoverre niet in stand kunnen blijven. Het hof gaat daarom uit van een bevel tot voorlopige hechtenis dat naast feit 2 alleen betrekking heeft op feit 1 subsidiair.
BESLISSING:
Het hof bevestigt de beschikking voor zover daartegen hoger beroep is ingesteld, met dien verstande dat het bevel tot gevangenhouding zich niet uitstrekt tot een poging tot doodslag.
Aldus gegeven op 26 oktober 2016 door mrs E.A.K.G. Ruys, voorzitter, P. van Dijken en Y.A.J.M. van Kuijck, raadsheren, in tegenwoordigheid van J. Jansen, griffier, en ondertekend door de voorzitter en de griffier.
Volledige tekst
beschikking
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
locatie Arnhem
pkn: 08-730478-16
avnr: 001752-02
Het gerechtshof heeft te beslissen op het hoger beroep ingesteld door
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Afghanistan) op [1993],
verblijvende in het [detentieadres].
Het hoger beroep is ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo van 12 oktober 2016,voor zover houdende het bevel tot gevangenhouding van verdachte.
Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door mr K. ter Mors, advocaat te Almelo, in raadkamer van heden.
Het hof heeft gezien bovengenoemde beschikking en de akte opgemaakt door de griffier bij die rechtbank van 14 oktober 2016.
OVERWEGINGEN:
De rechter-commissaris heeft de bewaring niet bevolen ten aanzien van het onder 1 primair aan verdachte verweten gedraging, te weten een poging tot doodslag. De officier van justitie heeft hiertegen geen beroep ingesteld. De raadkamer van de rechtbank heeft zonder daartoe strekkende vordering van de officier van justitie de gevangenhouding alsnog mede doen strekken tot die poging tot doodslag. Het hof acht dit onjuist, de beschikking zal in zoverre niet in stand kunnen blijven. Het hof gaat daarom uit van een bevel tot voorlopige hechtenis dat naast feit 2 alleen betrekking heeft op feit 1 subsidiair.
Het hof is na onderzoek gebleken dat de gronden waarop de rechtbank het bevel tot gevangenhouding van verdachte heeft gegeven ook thans nog bestaan, zodat de beschikking van de rechtbank voor zover daarvan beroep is ingesteld met overneming van de gronden dient te worden bevestigd. Met betrekking tot het aannemen van het recidive gevaar merkt het hof op dat deze overweging wordt gesteund door recente justitiële documentatie van verdachte waaruit blijkt dat hij op verschillende manieren met politie en justitie in aanraking is gekomen.
Naar het oordeel van het hof doet zich niet voor het geval dat ernstig rekening moet worden gehouden met de mogelijkheid dat aan de verdachte in geval van veroordeling geen onvoorwaardelijke vrijheidsstraf of tot vrijheidsbeneming strekkende maatregel zal worden opgelegd, dan wel dat verdachte bij tenuitvoerlegging van het bevel langere tijd van zijn vrijheid beroofd zou blijven dan de duur van de straf of maatregel.
Het hof heeft gelet op het bepaalde in de artikelen 65, 66, 67, 67a en 71 van het Wetboek van Strafvordering.
BESLISSING:
Het hof bevestigt de beschikking voor zover daartegen hoger beroep is ingesteld, met dien verstande dat het bevel tot gevangenhouding zich niet uitstrekt tot een poging tot doodslag.
Aldus gegeven op 26 oktober 2016 door mrs E.A.K.G. Ruys, voorzitter, P. van Dijken en Y.A.J.M. van Kuijck, raadsheren, in tegenwoordigheid van J. Jansen, griffier, en ondertekend door de voorzitter en de griffier.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.