Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 9 mei 2016
ECLI:NL:GHARL:2016:10668Zaaknummer 21-005831-15
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 9 mei 2016
- Publicatiedatum
- 22 mei 2017
- Zaaknummer
- 21-005831-15
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Op tegenspraak
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
-
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 400,00 (vierhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 8 (acht) dagen hechtenis.
Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 4 februari 2014, parketnummer 16-222607-13, te weten van: een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) dagen.
Aldus gewezen door
mr. J.P. Bordes, voorzitter,
mr. J.W. Rijkers en mr. M.M.L.A.T. Doll, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. I.I.D. Leene, griffier,
en op 9 mei 2016 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 9 mei 2016.
Tegenwoordig:
mr. F.A.M. Bakker, voorzitter,
mr. A.A. Schut, advocaat-generaal,
mr. C.J. Broersma, griffier.
De voorzitter doet de zaak uitroepen.
De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.
De voorzitter spreekt het arrest uit.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
- Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken
- Het hoger beroep
- Onderzoek van de zaak
- Het vonnis waarvan beroep
- De tenlastelegging
- Overweging met betrekking tot het bewijs
- Bewezenverklaring
- Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
- Strafbaarheid van de verdachte
- Oplegging van straf en/of maatregel
- Vordering tenuitvoerlegging
- Toepasselijke wettelijke voorschriften
- BESLISSING
Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-005831-15
Uitspraak d.d.: 9 mei 2016
TEGENSPRAAK
Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 13 oktober 2015 met parketnummer 16-142855-15 en de van dat vonnis deel uitmakende beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging, parketnummer 16-222607-13, in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986,
wonende te [woonplaats].
Het hoger beroep
De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 25 april 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman, mr. M.J.A. Bakker, naar voren is gebracht.
Het vonnis waarvan beroep
Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere strafoplegging komt en daarom opnieuw rechtdoen.
De tenlastelegging
Aan verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 17 juli 2015 te Utrecht, opzettelijk beledigend een ambtenaar, te weten [verbalisant], gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, in diens tegenwoordigheid en in het openbaar mondeling heeft toegevoegd de woorden: "kankerlijer", "je kankermoeder" en "ik neuk je moeder", althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking;
Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Overweging met betrekking tot het bewijs
Het hof is van oordeel dat het door en namens verdachte gevoerde verweer strekkende tot vrijspraak van het tenlastegelegde wordt weersproken door de gebezigde bewijsmiddelen, zoals deze later in de eventueel op te maken aanvulling op dit arrest zullen worden opgenomen. Het hof heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van die bewijsmiddelen te twijfelen.
De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte iets heeft geroepen op een afstand van 50 meter van de betreffende agent en dat hij dit deed om zijn frustratie te uiten. Het opzet op de belediging ontbreekt derhalve, aldus de raadsman. Het hof verwerpt het verweer. De door verdachte gebezigde woorden, die niet alleen door [verbalisant] maar ook door andere verbalisanten zijn gehoord, hebben immers op zichzelf genomen een beledigend karakter. Zij zijn gericht gebruikt tegen de betrokken agent en hebben daarmee de strekking deze agent aan te randen in zijn eer en goede naam. Omstandigheden waardoor dit beledigende karakter aan de uitlatingen van verdachte zou komen te ontvallen zijn niet aannemelijk geworden. Gelet hierop kan het niet anders dan dat verdachte opzet heeft gehad om de agent te beledigen.
Bewezenverklaring
Door wettige bewijsmiddelen, waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
hij op of omstreeks 17 juli 2015 te Utrecht, opzettelijk beledigend een ambtenaar, te weten [verbalisant], gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, in diens tegenwoordigheid en in het openbaar mondeling heeft toegevoegd de woorden: "kankerlijer", "je kankermoeder" en "ik neuk je moeder", althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking;
Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het bewezen verklaarde levert op:
eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening.
Strafbaarheid van de verdachte
Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.
Oplegging van straf en/of maatregel
De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte en zijn draagkracht, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. Anders dan de raadsman is het hof van oordeel dat de wijze waarop verdachte is aangehouden, geen aanleiding vormt om hiermee bij de bepaling van de strafmaat rekening te houden.
Vordering tenuitvoerlegging
Het openbaar ministerie heeft gevorderd de tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 4 februari 2014 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 5 dagen, parketnummer 16-222607-13. Deze vordering is in hoger beroep opnieuw aan de orde.
Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Daarom zal de tenuitvoerlegging van die voorwaardelijk opgelegde straf worden gelast.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
Het hof heeft gelet op de artikelen 14g, 14h, 14i, 14j, 23, 24, 24c, 266 en 267 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 400,00 (vierhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 8 (acht) dagen hechtenis.
Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 4 februari 2014, parketnummer 16-222607-13, te weten van: een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) dagen.
Aldus gewezen door
mr. J.P. Bordes, voorzitter,
mr. J.W. Rijkers en mr. M.M.L.A.T. Doll, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. I.I.D. Leene, griffier,
en op 9 mei 2016 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 9 mei 2016.
Tegenwoordig:
mr. F.A.M. Bakker, voorzitter,
mr. A.A. Schut, advocaat-generaal,
mr. C.J. Broersma, griffier.
De voorzitter doet de zaak uitroepen.
De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.
De voorzitter spreekt het arrest uit.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.
Wetsartikelen in deze uitspraak
- Artikel 422 Sv meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 14g Sr
- Artikel 14h Sr
- Artikel 14i Sr
- Artikel 14j Sr
- Artikel 23 Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 24 Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 24c Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 266 Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 267 Sr meer uitspraken over dit artikel
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2017:505 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2017:505 Hoge Raad, 10 januari 2017 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.