Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 8 augustus 2022

ECLI:NL:GHAMS:2022:3764Zaaknummer 23-000676-22

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
8 augustus 2022
Publicatiedatum
18 januari 2023
Zaaknummer
23-000676-22
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bevestiging m.u.v. de opgelegde gevangenisstraf. Oplegging gevangenisstraf 5 weken, waarvan 3 weken voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde gevangenisstraf en doet in zoverre opnieuw recht.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) weken.

Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 3 (drie) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.

Gewezen door mr. D. Radder, in bijzijn van mr. A. Ivanov, griffier.

mr. D. Radder

Volledige tekst

afdeling strafrecht

parketnummer eerste aanleg: 09-092854-21 en 09-112650-21 (gevoegd in eerste aanleg)

parketnummer hoger beroep: 23-000676-22

TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)

Arrest van het gerechtshof Den Haag, zitting houdende te Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 8 augustus 2022 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Den Haag van 2 juli 2021 in de zaak tegen de verdachte:

naam: [verdachte]

voornamen: [verdachte]

geboren: op [geboortedag 2] 1978 te [geboorteplaats]

adres: [adres].

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 63 en 300 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde gevangenisstraf en doet in zoverre opnieuw recht.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) weken.

Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 3 (drie) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.

Gewezen door mr. D. Radder, in bijzijn van mr. A. Ivanov, griffier.

mr. D. Radder

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.