Gemeentelijke regelgeving

Besluit mandaat-, volmacht- en machtiging Zevenaar 2024, eerste wijziging

Gemeente Zevenaar · geldt sinds 26 juni 2025

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van Zevenaar en de burgemeester van Zevenaar, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

gelet op de artikelen 10:1 tot en met 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb);

overwegende,

dat in deze regeling de publiekrechtelijke en privaatrechtelijke bevoegdheden aan functionarissen in de organisatie worden toegekend om hen in staat te stellen deze taken rechtmatig uit te voeren;

B E S L U I T E N:

vast te stellen het navolgende Besluit mandaat-, volmacht- en machtiging Zevenaar 2024, eerste wijziging

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a.besluit: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1:3 Awb;

b.mandaat: de bevoegdheid om namens een bestuursorgaan besluiten te nemen;

c.mandaatgever: het bestuursorgaan dat de oorspronkelijke wettelijke bevoegdheid heeft en deze aan een ander mandateert;

d.mandaathouder: de functionaris die namens het bestuursorgaan een bevoegdheid uitoefent;

e.volmacht: de bevoegdheid om privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;

f.machtiging: de bevoegdheid tot het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;

g.CAO: CAO Gemeenten;

h.Personeelshandboek: verzameling van alle lokale regelingen, arbeidsvoorwaarden en beleid ten aanzien van het personeel;

i.functieboek 1: functieboek waarin de functies van de sleutelfunctionarissen zijn beschreven.

Artikel 2 Schakelbepaling volmacht en machtiging

Waar in dit besluit gesproken wordt over mandaat, dient tenzij anders is bepaald, daaronder tevens te worden begrepen volmacht en machtiging.

Artikel 3 Inhoud mandaat

De bevoegdheid om krachtens mandaat besluiten te nemen omvat tevens de bevoegdheid tot het stellen van voorschriften en beperkingen en het verrichten van voorbereidings- en uitvoeringshandelingen.

Artikel 4 Algemene bepalingen

1Het college en de burgemeester van Zevenaar verlenen de functionaris die werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur het mandaat om alle besluiten te nemen en alle overige (rechts)handelingen te verrichten, waaronder de vertegenwoordiging in rechte, die in het kader van een goede uitoefening van zijn taken en bevoegdheden nodig zijn.

2Het gestelde in het eerste lid geldt uitsluitend wanneer is voldaan aan de voorwaarden zoals genoemd in artikel 5.

3De mandaathouder heeft tevens de bevoegdheid het in het eerste lid bedoelde mandaatbesluit te ondertekenen.

Artikel 5 Voorwaarden en uitzonderingen mandaatverlening

1Het in het artikel 4, eerste lid, bedoelde mandaat komt de mandaathouder slechts toe, voor zover de uitoefening van de bevoegdheid overeenstemt met de taken en verantwoordelijkheden van de organisatie-eenheid c.q. taakveld waarbinnen de functionaris werkzaam is.

2De in bijlage 1 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan het college respectievelijk de burgemeester.

3De in bijlage 2 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de gemeentesecretaris.

4De in bijlage 3 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de domeinmanager(s).

5De in bijlage 4 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de teammanager(s).

6Ondermandaat is niet toegestaan, tenzij het college of de burgemeester ten aanzien van een bepaalde bevoegdheid hebben aangegeven dat ondermandaat wel is toegestaan.

7Het doorgeven van een volmacht (substitutie) of machtiging is wel toegestaan.

8De Budgethoudersregeling en het Treasurystatuut dienen in acht te worden genomen.

9In geval van strijdigheid tussen de Budgethoudersregeling en het Mandaatbesluit vervalt laatstgenoemd besluit.

10Naast de mandaten die op basis van deze algemene mandatenregeling worden verleend, kunnen er ook individuele mandaten worden verleend.

Artikel 6 Specifieke mandaten aan derden

1Verlening van mandaat aan een mandaathouder die niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van de mandaatgever, behoeft de instemming van de mandaathouder en in voorkomend geval van degene onder wiens verantwoordelijkheid de gemandateerde werkt.

2Mandaat tot het uitoefenen van bevoegdheden en taken die aan een Gemeenschappelijke Regeling zijn opgedragen valt niet onder deze regeling.

3Mandaat tot het uitoefenen van taken en bevoegdheden die door middel van een overeenkomst aan een derde zijn overgedragen, valt niet onder deze regeling.

4Voor zover aan overige derden een specifiek mandaat wordt verleend, zijn deze opgenomen in bijlage 5.

5Het specifieke mandaat laat onverlet de werking van het algemeen mandaat.

6De algemene uitzonderingen zoals genoemd in bijlage 1 zijn onverkort van toepassing op specifieke mandaten.

Artikel 7 Plaatsvervanging

1Indien het mandaat, de volmacht of machtiging aan een bepaalde functionaris wordt verleend, wordt daarmee het mandaat, de volmacht of machtiging eveneens geacht te zijn verleend aan de hiërarchisch hoger geplaatsten, zoals de gemeentesecretaris, de domeinmanager en de teammanager.

2Bij afwezigheid of verhindering van de domeinmanager of teammanager als bedoeld in het eerste lid, kan deze worden vervangen door een andere domeinmanager respectievelijk teammanager.

Artikel 8 Ondertekeningswijze bij mandaat

Een krachtens mandaat genomen besluit vermeldt namens welk bestuursorgaan het besluit is genomen, als volgt:

“Namens het college van burgemeester en wethouders van Zevenaar” of “Namens de burgemeester van Zevenaar”,

Handtekening

Naam mandaathouder

Functie mandaathouder

Artikel 9 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag nadat deze is bekendgemaakt.

Artikel 10 Intrekking oude regelingen

De Mandaatregeling Zevenaar 2024 wordt ingetrokken.

Artikel 11 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: ‘Mandaatregeling Zevenaar 2024, eerste wijziging’.

Bijlage 1 Niet gemandateerde bevoegdheden van het college en de burgemeester

Algemeen

1Indien het besluit een afwijking zou inhouden van het bestaande beleid, vastgestelde richtlijnen en/of voorschriften.

2In geval van een bevoegdheid die in een wettelijke regeling expliciet wordt uitgezonderd van mandaat en derhalve geacht wordt voorbehouden te zijn aan het desbetreffende orgaan aan wie het is toebedeeld.

3Het voorgenomen besluit een overschrijding van een budget of krediet tot gevolg heeft dan wel een groot financieel risico met zich brengt.

4Als een lid van het college of de leidinggevende van de mandaathouder heeft aangegeven dat hij het voorstel aan de mandaatgever wenst voor te leggen.

5Als de mandaatgever heeft aangegeven zelf te willen besluiten.

6Aan het voorgenomen besluit mogelijkerwijs politieke consequenties zijn verbonden dan wel dat dit precedentwerking tot gevolg kan hebben; hiervan is sprake als:

-de aangelegenheid tot negatieve berichtgeving in de media heeft geleid of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat dit zal gebeuren;

-de aangelegenheid ingrijpende gevolgen kan hebben voor een groot aantal inwoners, bedrijven, verenigingen, stichtingen of belangengroepen.

7Indien de mandaathouder een persoonlijk belang heeft bij de uitoefening van de bevoegdheden, dan vindt besluitvorming plaats door de hiërarchisch hoger geplaatste persoon op de afdeling.

Publiekrecht

1Het doen van voorstellen aan de raad.

2Het afleggen van verantwoording, het informeren en raadplegen van de raad.

3Het beslissen om een besluit met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure voor te bereiden.

4Het nemen van een besluit dat is voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure en waarbij zienswijzen zijn ingediend.

5Voordracht voor of benoeming van personen op grond van een wettelijk voorschrift betreft anders dan het aangaan van een dienstverband.

6Het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften of beleidsregels.

7Het beslissen op bezwaar wanneer het primaire besluit niet in mandaat is genomen.

8Het beslissen op bezwaar waarbij wordt afgeweken van het advies van de Adviescommissie voor bezwaarschriften.

9Het beslissen ten aanzien van een ingediende klacht op grond van hoofdstuk 9 Awb, behalve in gevallen als bedoeld in artikel 9:8 lid 1 van de Awb of als er geen sprake is van een klacht als bedoeld in hoofdstuk 9 van de Awb.

10Het instellen van commissies als bedoeld in artikel 83 en 84 Gemeentewet.

11Het benoemen van personen in adviesorganen van het college.

12Het benoemen van personen als vertegenwoordiger van de gemeente in organen van publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen.

13Het nemen van besluiten t.a.v. alternatieve geschillenbeslechting, zoals mediation.

14Het nemen van een aanwijzingsbesluit op grond van de APV, de Verordening Fysieke Leefomgeving of andere gemeentelijke verordeningen die een grondslag bevatten voor het nemen van aanwijsbesluiten.

15Alle bevoegdheden op grond van de APV ten aanzien van seksinrichtingen.

Privaatrecht

1Het besluit tot oprichting van of deelneming in rechtspersonen.

2Het afgeven van borgstellingen, uitgezonderd de borgstelling voor kredieten in het kader van een schuldhulpverleningstraject.

3Het aanvragen van surseance van betaling of faillissement.

4Het besluit tot aanvaarding of afwijzing van een schenking, erfstelling of legaat.

5Het besluit tot het doen van een schenking.

6Besluiten tot het aangaan van civiele procedures voor vorderingen boven de € 25.000,-.

7Het nemen van besluiten t.a.v. alternatieve geschillenbeslechting, zoals mediation.

8Besluiten tot het treffen van een schikking.

9Het beslissen inzake verzekeringsaangelegenheden, waaronder aansprakelijkheid van de gemeente, boven de € 10.000,- per geval.

10Het oninbaar verklaren van vorderingen boven de € 25.000,-.

11Besluiten tot het aangaan van convenanten, intentieverklaringen en bestuursovereenkomsten.

12Besluiten om een privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten in gevallen waarvoor de raad heeft verzocht om van tevoren te worden ingelicht.

13Het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen.

Personeelsaangelegenheden

1Alle rechtshandelingen ten aanzien van de gemeentesecretaris, zoals: het aangaan, wijzigen en beëindigen/ontbinden/opzeggen van een arbeidsovereenkomst, schorsing, het overeenkomen van salaris bij aanvang van de arbeidsovereenkomst, het geven van extra salarisverhoging en persoonlijke toelage(n).

Bevoegdheden burgemeester

1Het opleggen van een huisverbod.

2Het sluiten van een woning (artikel 13b Opiumwet).

3Het verlenen van een evenementenvergunning, risicocategorie C.

4Het instellen van cameratoezicht op openbare plaatsen.

5Noodverordening/noodbevel.

6Het intrekken of verlengen van een tijdelijk huisverbod krachtens de Wet tijdelijk huisverbod.

7Het nemen van een crisismaatregel op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg.

8Alle overige in de Gemeentewet, Hoofdstuk XI, aan de burgemeester toegekende bevoegdheden op het gebied van openbare orde en veiligheid, tenzij uitdrukkelijk gemandateerd.

9Alle bevoegdheden op grond van de Wet veiligheidsregio’s.

10Alle bevoegdheden op grond van de Wet aanpak woonoverlast en de daarop gebaseerde bepalingen in de APV.

11Het opleggen van een verblijfsontzegging op grond van de APV.

12Het opleggen van een gebiedsverbod op grond van de APV.

13Het opleggen van een last onder dwangsom vanwege drugshandel op straat op grond van de APV.

Bijlage 2 mandaat voorbehouden aan algemeen directeur/secretaris

Personeelsaangelegenheden

Bevoegdheden die gelden ten aanzien van alle (hiërarchisch ondergeschikte) medewerkers tenzij anders is vermeld.

1Het nemen van een beslissing om over te gaan tot schorsing en ontzeggen van de toegang tot het gemeentehuis of gemeentedienst.

2Alle rechtshandelingen ten aanzien van de domeinmanagers en functionarissen van functieboek 1, zoals: het aangaan, wijzigen en beëindigen/ontbinden/opzeggen van een arbeidsovereenkomst, schorsing, het overeenkomen van salaris bij aanvang van de arbeidsovereenkomst, het geven van extra salarisverhoging en persoonlijke toelage(n).

3Het opzeggen, ontbinden of beëindigen van een arbeidsovereenkomst (alle ontslaggronden) van de domeinmanagers en de functionarissen van functieboek 1.

4Het aangaan van een vaststellingsovereenkomst, waarbij een vergoeding wordt toegekend.

5Het toepassen van de hardheidsclausule in de CAO of het Personeelshandboek.

6Het vaststellen van de functiebeschrijvingen.

7Het vaststellen van de formatie.

8Het indelen van een nieuwe functie in een HR21 normfunctie welke reeds in het huidige functieboek is vastgesteld.

9Het wijzigen of intrekken van het personeelshandboek.

Overige bevoegdheden

1Het voeren van het lokaal overleg met de vakbonden.

Bijlage 3 mandaat voorbehouden aan domeinmanager(s)

Personeelsaangelegenheden

Bevoegdheden die gelden ten aanzien van alle (hiërarchisch ondergeschikte) medewerkers tenzij anders is vermeld.

1Alle rechtshandelingen ten aanzien van de teammanagers, zoals: het aangaan en wijzigen van een arbeidsovereenkomst, het overeenkomen van salaris bij aanvang van de arbeidsovereenkomst, het geven van extra salarisverhoging en persoonlijke toelage(n), met uitzondering van het opzeggen/ontbinden of beëindigen van de arbeidsovereenkomst.

2Het verlenen van ontslag op eigen verzoek van de teammanager.

3Het nemen van beslissingen ten aanzien van alle overige bevoegdheden op grond van de CAO en het Personeelshandboek ten aanzien van teammanagers.

4Het aangaan en opzeggen van overeenkomsten met betrekking tot het inhuren van tijdelijke teammanagers.

Overige bevoegdheden:

1Het verlenen van een opdracht bij:

a.werken met een opdrachtwaarde vanaf € 1.500.000;

b.leveringen en diensten met een opdrachtwaarde vanaf € 130.000.

Bijlage 4 mandaat voorbehouden aan teammanager(s)

Personeelsaangelegenheden

Bevoegdheden die gelden ten aanzien van alle (hiërarchisch ondergeschikte) medewerkers tenzij anders is vermeld.

1Alle rechtshandelingen ten aanzien van de medewerkers van het desbetreffende team, zoals: het aangaan en wijzigen van een arbeidsovereenkomst, het overeenkomen van salaris bij aanvang van de arbeidsovereenkomst, het geven van extra salarisverhoging en persoonlijke toelage(n), met uitzondering van het opzeggen/ontbinden of beëindigen van de arbeidsovereenkomst.

2Het verlenen van ontslag op eigen verzoek van de medewerker.

3Het nemen van beslissingen ten aanzien van alle overige bevoegdheden op grond van de CAO en het Personeelshandboek.

4Het aangaan en opzeggen van overeenkomsten met betrekking tot het inhuren van tijdelijk personeel.

Overige bevoegdheden

1Het nemen van besluiten over verzoeken om planschade en nadeelcompensatie, waarbij de toekenning meer dan € 10.000,- bedraagt.

2Het toekennen, weigeren, wijzigen en intrekken van subsidies vanaf € 30.000,-.

3Het nemen van besluiten op grond van de Wmo of de Jeugdwet, waarmee een bedrag is gemoeid vanaf € 30.000,- per aanvraag.

4Het toepassing geven aan de hardheidsclausule

5Het aanvragen van een offerte bij:

a.werken met een opdrachtwaarde vanaf € 1.500.000,- en;

b.leveringen en diensten met een opdrachtwaarde vanaf € 130.000,-, mits het aangaan van een verplichting past binnen de vastgestelde Grondexploitatie (GREX).

6Het verlenen van een opdracht bij:

a.werken met een opdrachtwaarde van € 70.000 tot € 1.500.000;

b.leveringen en diensten met een opdrachtwaarde van € 50.000 tot € 130.000;

a.Besluiten tot de aan- en verkoop van onroerende zaken tot een bedrag van € 500.000.

b.Besluiten tot de aan- en verkoop van onroerende zaken boven een bedrag van € 500.000, alleen als het past binnen de vastgestelde GREX en de grondprijsbrief .

8Besluiten tot het aangaan van civiele procedures voor vorderingen tot € 25.000,-.

9Het benoemen van de ambtenaren van de burgerlijke stand.

10Het nemen van besluiten tot het aanvragen van subsidie t.b.v. de gemeente.

11Het indienen van een zienswijze, het maken van bezwaar, het indienen van beroep of hoger beroep (zowel bestuursrechtelijk- als civielrechtelijk) of het verzoeken om een voorlopige voorziening in een bestuursrechtelijke procedure.

12Het verlenen van een machtiging tot het vertegenwoordigen van de gemeente in een bestuursrechtelijke-, strafrechtelijke- of privaatrechtelijke procedure.

13Het beslissen op bezwaar indien conform het advies van de Adviescommissie voor bezwaarschriften wordt besloten.

14Het beslissen op verzoeken op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming.

15Het aangaan en opzeggen van verwerkersovereenkomsten.

16Het aanwijzen van toezichthouders.

17Het oninbaar verklaren van vorderingen tussen de € 5.000,- en de € 25.000,-.

18Het vaststellen van een formulier voor het indienen van een aanvraag.

19Het beslissen op een verzoek in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de bestuursrechter, als bedoeld in artikel 7:1a Awb.

20Het invullen/afgeven van een toestemmingsverklaring van de Kamer van Koophandel.

Bijlage 5 mandaat aan derden

1Ondertekeningsmandaat ten aanzien van het nemen van het besluit tot het opleggen van een huisverbod (Wet tijdelijk huisverbod). De Hulpofficier overlegt met de burgemeester voordat een huisverbod wordt opgelegd.

2Bevoegdheden o.g.v. de Huisvestingsverordening aan de woningbouwcoöperaties, de Urgentiecommissie woonruimteverdeling gemeente Arnhem en de hoofden van de afdeling Sociale Zekerheid en Omgevingsrecht en Juridisch Advies en Control van de gemeente Arnhem.

3Bevoegdheden o.g.v. de Wegsleepregeling aan bergingsbedrijf Van Eijck te Arnhem.

4Bevoegdheden o.g.v. de Wet kinderopvang aan de inspecteur GGD.

5Bevoegdheden o.g.v. de Jeugdwet aan de geregistreerde instellingen.

6Bevoegdheden o.g.v. de Wet maatschappelijke ondersteuning t.b.v. het beschermd wonen aan de centrumgemeente Arnhem.

7Bevoegdheden tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen o.g.v. het Burgerlijk Wetboek aan de Officier van Dienst en de Algemeen Commandant Bevolkingszorg in geval van incidenten, rampen en crises.

8Het aanwijzen van bijzondere opsporingsambtenaren voor het gebied Rhederlaag aan de directie van RGV Holding BV, thans Leisurelands (17-2-2011).

9Bevoegdheden o.g.v. de Wet maatschappelijke ondersteuning:

-aan de directeur van de Veiligheidsregio- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) als toezichthouder calamiteitentoezicht;

-aan de directeur van de VGGM voor het kwaliteitstoezicht.

10Bevoegdheden o.g.v. de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Jeugdwet aan de gemeente Arnhem als toezichthouder rechtmatigheid.

Toelichting op het Besluit mandaat-, volmacht- en machtiging Zevenaar 2024, eerste wijziging

Voor u ligt het mandaatbesluit van de gemeente Zevenaar. In artikel 10:1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt mandaat omschreven als de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen. De bevoegdheid in mandaat wordt uitgeoefend onder verantwoordelijkheid van het oorspronkelijke bevoegde orgaan. De mandaathouder kan namens de mandaatgever besluiten nemen. Deze besluiten worden toegerekend aan het bestuursorgaan zelf. Het bestuursorgaan verliest de bevoegdheid om zelf het besluit te nemen niet en kan dit ook te allen tijde doen. Ook betekent dit dat bezwaar en beroep tegen een in mandaat genomen besluit wordt ingesteld tegen het bestuursorgaan zelf en niet tegen de ambtenaar die het besluit feitelijk heeft genomen.

Methodiek

De gemeente Zevenaar kent een besturingsfilosofie, waarbij op basis van integraliteit wordt gewerkt. Volgens dit organisatiebeginsel worden de bevoegdheden zo laag mogelijk in de organisatie gelegd om de organisatie zo slagvaardig mogelijk te maken. De domein- en teammanagers, maar ook de onder hen ressorterende functionarissen, moeten over die bevoegdheden beschikken om de hen toegekende taken adequaat en efficiënt uit te voeren.

Dat impliceert tevens dat het bestuur haar medewerkers het vertrouwen schenkt dat zij op gepaste en verstandige wijze gebruik maken van en omgaan met hun bevoegdheden. Derhalve wordt een zeker inschattingsvermogen en politieke sensitiviteit verlangd van de betrokken functionaris. Waar dat in een incidenteel geval verkeerd wordt ingeschat, heeft dat naar derden geen gevolgen. Immers, de betreffende functionaris was formeel bevoegd. Intern kan de functionaris echter aangesproken worden op een onjuist of onterecht gebruik van zijn bevoegdheden. Belangrijk is ook dat van een mandaat gebruik kan worden gemaakt; het is geen verplichting. Dit dient van geval tot geval bekeken te worden door de functionaris.

De omgekeerde methodiek is minder onderhoudsgevoelig en komt beter tegemoet aan de uitgangspunten van integraliteit. Alle collegebevoegdheden worden gemandateerd tot op medewerkers-niveau, tenzij de bevoegdheid expliciet wordt voorbehouden aan een ander (leidinggevend) niveau. Bovendien wordt in de mandaatregeling zo min mogelijk verwezen naar wetsartikelen e.d. Het directe gevolg van deze methode is natuurlijk dat alle bevoegdheden die niet zijn uitgezonderd van het mandaat, zijn gemandateerd tot op medewerkers-niveau en dus zo laag mogelijk in de organisatie komen te liggen.

Ondertekening- en beslissingsmandaat

In het mandaatbesluit is degene die bevoegd is in mandaat een besluit te nemen tevens bevoegd dit besluit te ondertekenen. Uitgangspunt van het mandaatbesluit is dat alle bevoegdheden beslissingsmandaten zijn. Met beslissingen worden hier zowel beslissingen gericht op rechtsgevolg bedoeld (besluiten in de zin van de Awb) als beslissingen die niet zijn gericht op rechtsgevolg.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1

Spreekt voor zich.

Artikel 2

Dit artikel vormt een weerslag van artikel 10:12 Awb. Door dit artikel wordt duidelijk dat de mandaatregeling niet slechts betrekking heeft op het publiekrechtelijk handelen van de gemeente maar op al het handelen, dus ook privaatrechtelijk en feitelijk handelen.

Een voorbeeld van volmacht is de bevoegdheid tot het aangaan van overeenkomsten en een voorbeeld van een machtiging is de bevoegdheid om een betaling te verrichten of om tarieven vast te stellen voor commerciële dienstverlening door de gemeente.

Volmacht is de privaatrechtelijke evenknie van mandaat. Volmacht is geregeld in het Burgerlijk Wetboek, boek 3 art. 60 e.v. en wordt via de schakelbepaling in de Awb (art. 10:12) gelijkgesteld met mandaat. Volmacht is niet als zodanig in het mandaatbesluit te onderscheiden. Toch is het van belang even bij deze rechtsfiguur stil te staan. Volmacht speelt een rol bij het optreden van de gemeente als rechtspersoon naar burgerlijk recht. Een voorbeeld kan hierbij wellicht duidelijkheid verschaffen. Als de gemeente (als rechtspersoon) een koopovereenkomst sluit, is het college op grond van de Gemeentewet het bevoegde orgaan om tot koop te beslissen. De ondertekening van de koopovereenkomst wordt echter door de burgemeester (ingevolge art. 171 Gemeentewet) gedaan. Het college kan een ambtenaar een volmacht verlenen om besluiten te nemen tot het aangaan van een overeenkomst. Toch zal de burgemeester nog steeds de overeenkomst moeten ondertekenen, tenzij deze aan een ambtenaar volmacht verleent om de gemeente namens hem/haar te vertegenwoordigen.

Artikel 3

Het ligt voor de hand dat bij mandatering van een bevoegdheid ook de daarbij behorende handelingen, bijvoorbeeld ondertekening van de stukken, door de mandaathouder worden verricht. In plaats van per gemandateerde bevoegdheid ook de bijbehorende handelingen te mandateren, is deze algemene bepaling in het mandaatbesluit opgenomen.

Artikel 4

In het eerste artikellid worden de bevoegdheden die bij het college en de burgemeester berusten, gemandateerd aan de medewerkers van de gemeente Zevenaar en aan ingehuurde medewerkers die werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur.

In het tweede lid is opgenomen dat de voorwaarden en uitzonderingen die in artikel 5 zijn opgenomen in acht dienen te worden genomen bij de uitoefening van het mandaat.

In het derde lid is opgenomen dat er geen onderscheid bestaat tussen een beslis- en ondertekeningsmandaat.

Artikel 5

In het eerste lid is de voorwaarde opgenomen dat pas gebruik kan worden gemaakt van een mandaat als de uitoefening van een bevoegdheid overeenstemt met de taken en verantwoordelijkheden van de desbetreffende organisatie-eenheid danwel taakveld.

Het uitgangspunt van de regeling is dat de bevoegdheden zodanig in de organisatie zijn neergelegd dat het slechts in uitzonderingssituaties nodig moet zijn om terug te vallen op een hoger bevoegdhedenniveau. Dit past ook bij de uitgangspunten van de besturingsfilosofie.

In het tweede lid wordt verwezen naar bijlage 1, waarin de bevoegdheden zijn opgesomd die zijn uitgezonderd van mandaat.

In het derde lid wordt verwezen naar bijlage 2, waarin de bevoegdheden zijn opgesomd die zijn gemandateerd aan de algemeen directeur/gemeentesecretaris.

In het vierde lid wordt verwezen naar bijlage 3, waarin de bevoegdheden zijn opgesomd die zijn gemandateerd aan de domeinmanagers.

In het vijfde lid wordt verwezen naar bijlage 4, waarin de bevoegdheden zijn opgesomd die zijn gemandateerd aan de teammanagers.

In het zesde lid is opgenomen dat ondermandaat niet is toegestaan, tenzij dit expliciet is aangegeven.

In het zevende lid is opgenomen dat het doorgeven van een volmacht (substitutie) of machtiging wel is toegestaan. Dit is met name van belang bij het compareren bij en het ondertekenen van notariële akten. Aan de medewerkers van het desbetreffende notariskantoor kan per geval een volmacht/machtiging worden verleend door de burgemeester dan wel de gevolmachtigde ambtenaar.

In het achtste lid is opgenomen dat hetgeen is bepaald in de Budgethoudersregeling en het Treasurystatuut in acht wordt genomen bij de uitoefening van een mandaat.

In het negende lid is geregeld dat de Budgethoudersregeling voorgaat op het Mandaatbesluit in geval van strijdigheid.

In het tiende lid is opgenomen dat het college en de burgemeester ook nog individuele mandaten kunnen verlenen. Een overzicht van deze mandaten wordt achter deze mandatenregeling gevoegd.

Artikel 6

In dit artikel zijn de mandaten aan derden geregeld. Het betreft derden die niet werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van de mandaatgever. In bijlage 5 is een lijst van mandaten opgesomd.

In het tweede lid is opgenomen dat de mandaten die aan een gemeenschappelijke regeling zijn verleend buiten de reikwijdte van het Mandaatbesluit vallen.

Artikel 7

Spreekt voor zich.

Artikel 8

Spreekt voor zich.

Artikel 9

Spreekt voor zich.

Artikel 10

De mandaten aan externe partijen worden niet ingetrokken en blijven dus ook na in werking treden van dit mandaatbesluit gelden. Dit sluit aan bij art. 10:4 Awb. Mandaat aan ondergeschikten is steeds een eenzijdige (publiekrechtelijke) rechtshandeling. Externe partijen zijn geen ondergeschikten. Mandaat aan niet- ondergeschikten is – met uitzondering van de situatie waarin bij wettelijk voorschrift in mandaat is voorzien – alleen mogelijk indien de ander het mandaat ook aanvaardt: wilsovereenstemming is vereist en dat impliceert een afspraak of in de terminologie van het BW een overeenkomst. De omgekeerde methodiek is niet geschikt voor het vastleggen van mandaten aan niet-ondergeschikten.

Artikel 11

Spreekt voor zich.

Bijlage 1

In deze bijlage staan de bevoegdheden die van mandaat zijn uitgezonderd.

Dit houdt in dat de bestuursorganen zelf deze bevoegdheden blijven uitoefenen. Een portefeuillehouder alleen komen geen bevoegdheden toe op grond van de wet. Deze lijn is doorgetrokken in dit Mandaatbesluit.

Er is een onderverdeling gemaakt in algemeen, publiekrechtelijke bevoegdheden, privaatrechtelijke bevoegdheden, personeelsaangelegenheden en specifieke bevoegdheden van de burgemeester.

Veel van de bevoegdheden spreken voor zich. Een enkele bevoegdheid wordt hieronder nog toegelicht.

Publiekrecht

Onder 2; de portefeuillehouder kan zelfstandig ook de raad informeren.

Privaatrecht

Onder 10; het mandaat kan worden uitgeoefend per vordering; er kunnen meerdere vorderingen bestaan op één wederpartij.

Personeelsaangelegenheden

De Wet normalisering rechtspositie ambtenaren, die per 1 januari 2020 in werking is getreden, regelt dat ambtenaren zoveel mogelijk dezelfde rechten en plichten krijgen als werknemers in het bedrijfsleven. De aanstelling verandert in een arbeidsovereenkomst, zodat het Burgerlijk Wetboek rechtstreeks van toepassing is op de rechtspositie van ambtenaren tezamen met de CAO Gemeenten en het personeelshandboek.

Onder 1; aan het college blijft voorbehouden alle rechtshandelingen ten aanzien van de gemeentesecretaris.

Bevoegdheden burgemeester

Onder 1; het betreft een beslismandaat. Het ondertekeningsmandaat is gemandateerd aan de Hulpofficier van Justitie (zie bijlage 4, onder 1).

Onder 3; het weigeren van evenementenvergunning risicocategorie C is wel gemandateerd. Ook het verlenen/weigeren van een evenementenvergunning risicocategorie 0, A en B is gemandateerd (zie afdeling 7 van de APV).

Onder 4; het betreft een bevoegdheid op grond van de APV.

Onder 5; dit is geregeld in Hoofdstuk XI van de Gemeentewet.

Onder 7; sinds 1 januari 2020 vervangt de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg, de Wet bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen (Bopz).

Bijlage 2

In deze bijlage staan de bevoegdheden die zijn gemandateerd aan de algemeen directeur/gemeentesecretaris.

Bijlage 3

In deze bijlage staan de bevoegdheden die zijn gemandateerd aan de domeinmanagers.

Bijlage 4

In deze bijlage staan de bevoegdheden die zijn gemandateerd aan de teammanagers.

Onder 5 en 6; onderstaande drempelwaarden dienen in acht te worden genomen bij het aangaan (en opzeggen) van een verplichting.

Werken

Bedrag

Aanvrager

Opdrachtverlener

Tot € 70.000

Medewerker

Medewerker

Van € 70.000 tot € 1.500.000

Medewerker

Teammanager

Vanaf € 1.500.000

Teammanager

Domeinmanager

Diensten en Leveringen

Bedrag

Aanvrager

Opdrachtverlener

Tot € 50.000

Medewerker

Medewerker

Van € 50.000 tot € 130.000

Medewerker

Teammanager

Vanaf € 130.000

Teammanager

Domeinmanager

-bovenstaande bedragen betreffen de gecalculeerde opdrachtwaarde.

-de aanbesteding dient te geschieden volgens het Inkoopbeleid gemeente Zevenaar;

-het aangaan van verplichtingen is inclusief beslissing over meer- en minderwerk, mits dit binnen het beschikbare budget of krediet blijft;

-er dient voldoende budget/krediet ten grondslag te liggen aan het aangaan van verplichtingen;

-de afwegingen die in Bijlage 1 onder Algemeen zijn opgesomd dienen in acht te worden genomen.

Onder 11: Met deze bevoegdheid wordt ook bedoeld het nemen van een procesbesluit, als bedoeld in artikel 160, lid 1, onder f, van de Gemeentewet. Bij de bevoegdheid tot het instellen van hoger beroep (bestuursrechtelijk- als civielrechtelijk) dient eerst afstemming plaats te vinden met de portefeuillehouder.

Onder 12; de bevoegdheid ziet ook op het machtigen van derden (zoals advocaten en adviseurs).

Onder 15; deze overeenkomsten zijn gebaseerd op de Algemene Verordening Gegevensbescherming.

Bijlage 5

In deze bijlage staan de bevoegdheden die aan externen zijn verleend. Het betreft een opsomming van de verleende mandaten. De mandaten zijn niet gedetailleerd beschreven. Hiervoor dienen de afzonderlijke mandaatbesluiten te worden geraadpleegd.

Niet tot de categorie externen behoren de gemeenschappelijke regelingen. Dit is bepaald in artikel 6, tweede lid.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.