Aanhef
De Gemeenteraad van 's-Hertogenbosch in zijn vergadering van 13 november 2025
gezien het voorstel van het college d.d. 30 september 2025, met reg.nr. 17958943;
gelet op de Gemeentewet;
besluit vast te stellen de
Verordening van de gemeenteraad van de gemeente 's-Hertogenbosch, houdende regels betreffende de heffing en de invordering van de BIZ-bijdrage ‘s-Hertogenbosch 2026
Artikel 1. Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
. bedrijveninvesteringszone: het op de bij deze verordening behorende kaart (bijlage 1) aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven;
. BIZ: bedrijfsinvesteringszone;
. BIZ-bijdrage: bestemmingsbelasting die op verzoek van eigenaren jaarlijks wordt geheven om met de opbrengst activiteiten te realiseren als bedoeld in artikel 1, lid 2 van de Wet;
. college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente;
. perceptiekosten: kosten voor heffing en invordering van de BIZ-bijdragen door de gemeente ’s-Hertogenbosch;
. uitvoeringsovereenkomst: tussen de gemeente en Stichting Bedrijven Investeringszone – Vastgoed Brede Binnenstad ’s-Hertogenbosch gesloten overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet;
. stichting: Stichting Bedrijven Investeringszone – Vastgoed Brede Binnenstad ’s-Hertogenbosch;
. wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones.
Artikel 2 Belastbaar feit en aard van de belasting
1Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen.
2De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone.
Artikel 3 Voorwerp van de belasting
1Voorwerp van de belasting is een onroerende zaak of een roerende bedrijfsruimte .
2Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken.
3Als roerende bedrijfsruimte wordt aangemerkt een ruimte die niet kan worden aangemerkt als woonruimte en welke duurzaam aan een plaats gebonden is en dient tot permanent gebruik.
Artikel 4. Belastingplicht
1Een concreet overzicht van de objecten ter zake waarvan de BIZ-bijdrage geheven zal worden, is opgenomen in de bijlage “Belastingplichtige objecten voor de BIZ” (bijlage 2). In de bijlage staan vermeld de objecten zoals ze zijn opgenomen in de WOZ-administratie (qua objectcode en objectomschrijving).
2De BIZ-bijdrage wordt geheven van de eigenaar, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht heeft van een in de bedrijveninvesteringszone gelegen (on)roerende zaak.
3Als eigenaar wordt aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.
Artikel 5. Maatstaf van heffing
1De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de (on)roerende zaak vastgestelde waarde zoals deze geldt voor het kalenderjaar.
2Indien met betrekking tot de (on)roerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die (on)roerende zaak bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.
Artikel 6. Vrijstellingen
1In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van:
a.voor de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken;
b.glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond;
c.onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;
d.één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8 van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928, met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen;
e.natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden;
f.openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken;
g.waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;
h.werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;
i.werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken;
j.onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst van de gemeente;
k.straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst voor het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen;
l.plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;
m.begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;
Artikel 7. Tarief BIZ-bijdrage
De BIZ-bijdrage bedraagt voor de eigenaar, bij een WOZ-waarde van:
WOZ-waarde
BIZ-bijdrage
a.
niet meer dan € 300.000
€ 274,20
b.
€ 300.001 tot en met € 600.000
€ 329,05
c.
€ 600.001 tot en met € 1.000.000
€ 383,95
d.
€ 1.000.001 tot en met € 2.000.000
€ 603,35
e.
€ 2.000.001 en hoger
€ 713,00
Artikel 8. Wijze van heffing
De BIZ-bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven.
Artikel 9. Termijnen van betaling
1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 worden de aanslagen betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.
2In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, minder bedraagt dan € 5.000,--, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in twaalf gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
3De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.
Artikel 10. Looptijd belastingheffing
De BIZ wordt ingesteld voor een periode van maximaal 5 jaar.
Artikel 11. Kwijtschelding
Bij de invordering van de BIZ-bijdrage wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 12. Buiten toepassing algemene subsidieverordening
Op de subsidie op grond van deze verordening is de Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch 2021 niet van toepassing.
Artikel 13. Aanwijzing stichting
De Stichting Bedrijven Investeringszone – Vastgoed Brede Binnenstad ’s-Hertogenbosch wordt aangewezen als de stichting bedoeld in artikel 7 van de wet, waarmee een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht is gesloten, waarin is bepaald dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt verplicht moeten worden verricht.
Artikel 14. Subsidieverlening
1De subsidie wordt jaarlijks door het college verleend aan de stichting voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst. De subsidie wordt verleend op een daartoe gedane aanvraag, die vergezeld moet gaan van de in de uitvoeringsovereenkomst genoemde stukken.
2De subsidie wordt bepaald op de jaarlijks ontvangen BIZ-bijdragen verminderd met de perceptiekosten voor de heffing en invordering van de BIZ-bijdragen zoals opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst.
Artikel 15. Subsidieverplichtingen
Naast de in artikel 4:37 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde verplichtingen kunnen aan de stichting ook andere doelgebonden verplichtingen worden opgelegd. Deze verplichtingen zijn opgenomen in de met de stichting gesloten uitvoeringsovereenkomst.
Artikel 16. Subsidievaststelling
1De stichting is verplicht om binnen 6 maanden na afloop van het subsidiejaar de in de uitvoeringsovereenkomst opgenomen stukken te overleggen.
2De subsidie wordt vastgesteld uiterlijk 3 maanden na ontvangst van de in het voorgaande lid genoemde stukken.
Artikel 17. Melding van relevante wijzigingen
De vereniging stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte van:
-meer dan ondergeschikte veranderingen in haar financiële situatie,
-een wijziging van de statuten,
-verandering of beëindiging van activiteiten.
Artikel 18. Inwerkingtreding
1De verordening " BIZ Vastgoed Brede Binnenstad ’s-Hertogenbosch 2025", vastgesteld bij het besluit van de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch d.d. 13 november 2024 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
2Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking
3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
Artikel 19. Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening BIZ Vastgoed Brede Binnenstad ’s-Hertogenbosch 2026
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 13 november 2025
De voorzitter,
Drs. J.M.L.N. Mikkers
De griffier,
Drs. W. Amesz
Bijlage 1 behorende bij de Verordening bedrijveninvesteringszone Brede Binnenstad 's-Hertogenbosch 2026
Als aangewezen gebied, bedoeld in artikel 1 van de Verordening bedrijveninvesteringszone Brede Binnenstad 's-Hertogenbosch 2026 geldt het onderstaande:
Wijk 1 buurt 1 t/m 5, Wijk 4 buurt 1 uitsluitende de even nummers aan de Citadellaan,
Wijk 4 buurt 3 Werfpad, Vaaltweg, Vogelplein en in de Vogelstraat uitsluitend de even nummers,
Wijk 11 buurt 1 en buurt 2 en Wijk 11 buurt 10.
Bijlage 2
Belastingplichtige objecten voor de BIZ-bijdrage
Objectcode
Objectomschrijving
2111
Woning-winkel
2121
Woning-cafetaria/snackbar
2122
Woning-café/bar/restaurant
2123
Woning-bar/dancing
2124
Woning-hotel/motel
3111
Winkel
3113
Toonzaal/showroom
3114
Kiosk
3116
Supermarkt
3117
Grootschalige detailhandel
3119
Overig detailhandel
3121
Cafetaria / snackbar
3122
Café / bar / restaurant
3123
Bar / dancing
3124
Hotel
3125
Pension/logiesgebouw
3173
Onderhoud / reparatie
3174
Productie (fabriek)
3191
Hotelboten
3637
Parkeergarage
Vrijgestelde objecten voor de BIZ-bijdrage
Objectcode
Objectomschrijving
2141
Woning-kantoor
2162
Woning-praktijkruimte
2357
Klooster
3141
Kantoor
3162
Praktijkruimte
3171
Werkplaats / garage
3175
Opslag / distributie
3176
Atelier / werkruimte
3311
Crèche / peuterspeelzaal
3312
Basisschool
3318
Dagverblijf
3319
School voor overig onderwijs
3331
Ziekenhuis
3334
Psychiatrisch ziekenhuis
3339
Medisch overig
3351
Verzorgings- / bejaardentehuis
3353
Praktijkruimte tandarts/fysiotherapie
3356
Gevangenis
3359
Overig bijz. woonfunctie zonder woning
3376
Wijk- / buurtcentrum
3411
Schouwburg / concertgebouw
3412
Congresgebouw
3413
Museum
3415
Bioscoop
3419
Overig cultureel
3454
Kerk vrijgesteld WOZ
3512
Sportaccommodatie
3515
Clubhuis
3621
Trafo
3634
NS-station
3635
Parkeerplaats niet-woning binnen
3636
Parkeerplaats niet-woning buiten
3638
Benzinestation
3664
Telefooncentrale
3999
Overige onroerende niet-woning
4111
Bouwterrein
4199
Overige ongebouwd
6001
Rijksmonument met woningdeel
7001
Rijksmonument zonder woningdeel
30B1
Niet-woning/bedrijfsverz. Kantoor
30B3
Niet-woning/bedrijfsverz. Bedrijfsruimte