Aanhef
Burgemeester en wethouders van de gemeente Kapelle;
Gelet op:
-afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;
-de Omgevingswet, de Gemeentewet, de Provinciewet, de Algemene wet bestuursrecht, de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, de Wet milieubeheer, de Wet openbaarheid van bestuur, de Wet luchtvaart, de Wet explosieven civiel gebruik, de Omgevingsverordening Zeeland , de Luchtvaartverordening en de daarbij behorende uitvoeringsbesluiten, circulaires en regelingen, en
-artikel 10 van de Gemeenschappelijke regeling Regionale Uitvoeringsdienst Zeeland;
besluit vast te stellen het navolgende Mandaatbesluit RUD Zeeland 2024 gemeente Kapelle
Artikel 1 Begripsbepalingen
In dit besluit en daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a.college: het college van burgemeester en wethouders van gemeente Kapelle;
b.dienstverleningsovereenkomst: de overeenkomst als bedoeld in artikel 34 van de Gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland;
c.directeur: de directeur van de Regionale uitvoeringsdienst Zeeland, bedoeld in artikel 1, onder f, van de Gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland;
d.gemeente: de gemeente Kapelle;
e.mandaat: de bevoegdheid om in naam van het college van burgemeester en wethouders besluiten, in de zin van artikel 1:3 Algemene wet bestuursrecht, te nemen;
f.machtiging: de bevoegdheid om in naam van het college van burgemeester en wethouders handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;
g.schriftelijk: ten behoeve van dit besluit wordt daaronder mede verstaan per e-mail en per fax, en
h.volmacht: de bevoegdheid om in naam van het college van burgemeester en wethouders privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten.
Artikel 2 Mandaat en ondermandaat
1Aan de directeur wordt mandaat verleend overeenkomstig de bij dit besluit behorende mandaatlijst.
2De directeur kan de bevoegdheden genoemd in lid 1, in ondermandaat opdragen aan personen die onder zijn verantwoordelijkheid werkzaam zijn, tenzij dat ten aanzien van een concreet mandaat in de mandaatlijst uitdrukkelijk is uitgesloten.
3In geval van afwezigheid of ontstentenis van de directeur worden zijn bevoegdheden door zijn plaatsvervanger uitgeoefend.
4De bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, behelzen niet de bevoegdheid te beslissen op bezwaarschriften, bedoeld in artikel 6:4, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
5De bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, behelzen niet de bevoegdheid te besluiten tot de intrekking van een vergunning overeenkomstig artikel 5.19 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
6De bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, behelzen niet de bevoegdheden die bij de bij dit besluit behorende mandaatlijst uitdrukkelijk zijn uitgezonderd.
Artikel 3 Kaders uitoefening bevoegdheden
1Een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend houdt bij de uitoefening van de aan hen opgedragen bevoegdheden rekening met de relevante door de gemeenteraad vastgestelde kaders alsmede met het door het college vastgestelde beleid.
2Een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend past de algemene dan wel specifieke instructies als bedoeld in artikel 10:6 Algemene wet bestuursrecht van het college betreffende de gemandateerde bevoegdheden toe.
3Het college zorgt ervoor dat de directeur over alle benodigde informatie noodzakelijk voor de uitvoering van het in het eerste lid bepaalde kan beschikken. De directeur zorgt ervoor dat de door hem/haar gemandateerden tevens kunnen beschikken over deze informatie.
4Het college treedt bij voorgenomen nieuw beleid of beleidswijzigingen in overleg met de directeur over uitvoeringsaspecten indien dat beleid raakt aan de taken en bevoegdheden die de Regionale uitvoeringsdienst Zeeland uitvoert.
5De directeur treedt in overleg met het college indien hij/zij het noodzakelijk acht af te wijken van de in het eerste lid bedoelde kaders of beleid.
Artikel 4 Informatieplicht
1De directeur informeert het college over alle ingekomen aanvragen en verzoekschriften en alle door de Regionale uitvoeringsdienst Zeeland geconstateerde overtredingen die betrekking hebben op de overeenkomstig artikel 2 gemandateerde bevoegdheden.
2Onverminderd het eerste lid informeert een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend het college schriftelijk bij de toepassing van de procedures bedoeld in afdeling 3.4, artikel 4:7 en 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht.
3Onverminderd het eerste en derde lid heeft een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend een voorafgaande informatieplicht en een signaleringsplicht jegens het college indien de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheid voor het college gelet op de inhoud van het besluit, de geadresseerde of de politieke gevoelens in de gemeenteraad of de samenleving naar verwachting politieke en maatschappelijke gevolgen zal hebben of indien een besluit tot consequentie kan hebben dat de gemeente aansprakelijk zal worden gesteld of anderszins in rechte zal worden aangesproken. In de gevallen bedoeld in de vorige volzin verschaft de directeur alle benodigde informatie en voert overleg met het college alvorens de bevoegdheden als bedoeld in artikel 2 uit te oefenen.
4De directeur en het college overleggen regelmatig over de planning, de aantallen en de kwaliteit van de bij of krachtens dit besluit in mandaat te nemen en reeds genomen besluiten.
Artikel 5 Volmacht en machtiging
Voor de toepassing van dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt, voor zover van toepassing en in verband met de activiteiten waarvoor mandaat wordt verleend, met mandaat gelijkgesteld:
a) de verlening van volmacht tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen, en
b) de machtiging om handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.
Artikel 6 Ondertekening
1Een besluit in mandaat dan wel ondermandaat overeenkomstig artikel 2, wordt als volgt ondertekend.
Het college van burgemeester en wethouders van Kapelle,
namens dezen,
gevolgd door:
-de handtekening;
-de naam van de (onder)gemandateerde, en
-de functieaanduiding.
2Indien er gebruik wordt gemaakt van volmacht en machtiging overeenkomstig artikel 5, luidt de ondertekening:
De gemeente Kapelle,
namens dezen,
gevolgd door:
-de handtekening;
-de naam van de ge(vol)machtigde, en
-de functieaanduiding.
Artikel 7 Slotbepalingen
1Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2024.
2Met ingang van de in lid 1 bedoelde datum van inwerkingtreding wordt het Mandaatbesluit RUD Zeeland 2019 gemeente Kapelle ingetrokken.
3Het Mandaatbesluit RUD Zeeland 2019 gemeente Kapelle blijft van toepassing voor zover het mandaat c.q. machtiging verleent tot het nemen van besluiten en verrichten van overige handelingen, voor zover daartoe krachtens enig overgangsrecht een verplichting of bevoegdheid bestaat op grond van een wettelijke bepaling, die als gevolg van de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de daarmee verband houdende wet- en regelgeving is ingetrokken.
4Dit besluit wordt aangehaald als Mandaatbesluit RUD Zeeland 2024 gemeente Kapelle
Bijlage 1 MANDAATLIJST Gemeente Kapelle voor RUD Zeeland 2024
MANDAATLIJST Gemeente Kapelle voor RUD Zeeland 2024
Algemeen
BEVOEGDHEDEN/BESLUITEN
VOORWAARDEN EN REIKWIJDTE (INSTRUCTIES)
OPMERKING
A01
Besluiten inzake bestuursrechtelijke procedures.
Omvat: Advisering / Proceshandelingen in bestuursrechtelijke procedures zoals het opstellen van verweerschriften en het voeren van verweer in opdracht het college.
A02
Besluiten op grond van:
a.art. 4:5 en 4:6 Awb (vereenvoudigde wijze van afdoen en afdoen herhaalde aanvraag);
b.afdeling 4.1.3 Awb (opschorten beslistermijn);
c.art. 4:15, 4:17 en 4:18 Awb (besluiten over dwangsommen bij niet tijdig beslissen);
d.titel 4.4 Awb (bestuursrechtelijke geldschulden) m.u.v. afdeling 4.4.4 Awb (aanmaning en invordering bij dwangbevel);
e.art. 8:51a, 8:51b, 8:51c, 8:80a en 8:80b Awb (bestuurlijke lus en tussenuitspraak).
A03
De voorbereiding van besluiten met gebruikmaking van Afdeling 3.4 Awb, Afdeling 3.6 Awb en Titel 4.1 Awb.
A04
Behandelen van correspondentie van uitsluitend uitvoerende en/of informatieve aard betrekking hebbende op de gemandateerde bevoegdheden.
A05
Machtiging om Burgemeester en Wethouders door medewerkers of externe adviseurs te vertegenwoordigen in bestuursrechtelijke procedures in bezwaar, (hoger) beroep en wanneer er een verzoek om voorlopige voorziening(en) wordt behandeld.
A06
Het vragen van advies op basis van de Wet Bibob.
A07
Besluiten op een verzoek om (milieu)informatie op grond van de Woo.
De directeur kan hiermee dus ook WOO besluiten gericht aan het college afhandelen.
A08
Aanbesteden werken, leveringen en diensten.
Vergunningverlening
Omgevingswet
V01
Besluiten en/of handelingen inzake vergunningverlening bij of krachtens de Omgevingswet.
Betreft onder meer:
-participatie
-vooroverleg (o.a. intaketafel en omgevingstafel)
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
-uitbrengen van advies
Geldt niet voor besluiten op grond van:
-art. 3 Wet Bibob
De mandaatverlening betreft de taken en bevoegdheden die binnen het belang van de Gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland vallen overeenkomstig artikel 2 (Belang) van de gemeenschappelijke regeling; een en ander als bedoeld in artikel 31 (Mandaatverlening) van de Gemeenschappelijke regeling.
Een besluit inzake vergunningverlening kan ook het weigeren van een aanvraag om een vergunning, het buiten behandeling laten van een aanvraag, het (ambtshalve) actualiseren van vergunningvoorschriften, het (ambtshalve) intrekken van een vergunning, etc. omvatten. Dit is geen limitatieve opsomming.
V02
Besluiten en/of handelingen op grond van de Omgevingswet tot of in verband met het afgeven of weigeren van een wettelijk advies en/of instemming op grond van afdeling 4.2 Omgevingsbesluit
aan het bevoegd gezag voor een onderdeel van de
omgevingsvergunning.
Betreft onder meer:
a.opstellen en afgeven van één of meer wettelijk verplichte adviezen en/of instemmingen aan het bevoegd gezag voor de omgevingsvergunning, behoudens als het wettelijk verplicht advies uitsluitend betrekking heeft op een provinciale weg.
b.verzoek aan de gemeente tot wijziging of intrekking van een door de gemeente afgegeven omgevingsvergunning voor zover dit verzoek betrekking heeft op één of meerdere provinciale taken, behoudens als deze taak uitsluitend betrekking heeft op het provinciale wegbeheer.
Daaronder vallen zowel de instemming voor één onderdeel van de omgevingsvergunning als de instemming voor het totaal van de onderdelen van de omgevingsvergunning.
V03
Het nemen van besluiten over, op grond van vergunningvoorschriften, te overleggen meldingen, rapportages e.d.
V04
Besluiten en/of handelingen in het kader van de Milieu-effectrapportage (bij of krachtens de Omgevingswet).
Betreft onder meer:
-procedurestappen
-adviesverzoek Commissie MER
-advies reikwijdte en detailniveau MER
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
-aanvaardbaarheidsverklaring (op grond van overgangsregels)
V05
Besluiten en/of handelingen inzake het stellen van maatwerkvoorschriften bij of krachtens de Omgevingswet.
Betreft onder meer:
-participatie
-vooroverleg (o.a. intaketafel en intaketafel en omgevingstafel)
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
V06
Besluiten en/of handelingen inzake het toestaan of weigeren van een gelijkwaardige maatregel bij of krachtens de Omgevingswet.
Betref onder meer:
-participatie
-vooroverleg (o.a. intaketafel en intaketafel en omgevingstafel)
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
V07
Besluiten en/of handelingen inzake meldingen, gegevens en bescheiden en informatieplichten bij of krachtens de Omgevingswet.
Betreft onder meer:
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
V09
Besluiten en/of handelingen inzake gedoogplichten bij of krachtens de Omgevingswet.
Betreft onder meer:
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
-uitbrengen van advies
Omgevingsplan
V10
Besluiten en/of handelingen bij of krachtens het Omgevingsplan.
Betreft onder meer:
-participatie
-vooroverleg (o.a. intaketafel en intaketafel en omgevingstafel) procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
-uitbrengen van advies
Deze categorie ziet in ieder geval op:
-vergunningverlening
-maatwerkvoorschriften
-meldingen
-informatieplichten
Omgevingsverordening
Bodem
V12
Besluiten en/of handelingen in het kader van (de afhandeling van) bodemzaken.
Betreft onder meer:
-beoordeling bodemonderzoeken
-advisering
-informatieverstrekking
-beoordeling saneringen(plannen)
-beoordeling evaluatierapporten
-gebruik maken van de bevoegdheden zoals genoemd in afdeling 19.2a Ow (toevalsvondst)
V13
Initiëren van bodemonderzoeken.
Betreft het vragen om offertes en het sluiten van opdrachtovereenkomsten.
Wet milieubeheer
V14
Besluiten en/of handelingen bij of krachtens Hoofdstuk 8, 10, 16, 19 en 21 Wet milieubeheer.
Betreft onder meer:
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
-uitbrengen van advies
-verstrekken van gegevens
Asbesttaken
V21
Besluiten en/of handelingen inzake de uitvoering van asbesttaken bij of krachtens het Asbestverwijderingsbesluit 2005, de Wet milieubeheer en de Omgevingswet.
Betreft onder meer:
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
-uitbrengen van advies
-verstrekken van gegevens
Overgangsrecht
V22
Besluiten en/of handelingen op grond van het overgangsrecht bij of krachtens de Invoeringswet Omgevingswet.
Betreft onder meer:
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit
Handhaving
BEVOEGDHEDEN/BESLUITEN
VOORWAARDEN EN REIKWIJDTE (INSTRUCTIES)
OPMERKING
H01
Het aanwijzen van ambtenaren belast met het houden van toezicht.
Betreft toezicht op naleving bij of krachtens de:
-Omgevingswet
-Omgevingsverordening Zeeland
-Omgevingsplan
-Wet milieubeheer
-Luchtvaartverordening Zeeland
-Wet luchtvaart
-Asbestverwijderingsbesluit 2005
De mandaatverlening betreft de taken en bevoegdheden die binnen het belang van de Gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland vallen overeenkomstig artikel 2 (Belang) van de gemeenschappelijke regeling; een en ander als bedoeld in artikel 31 (Mandaatverlening) van de Gemeenschappelijke regeling.
H02
Het voeren van correspondentie in het kader van toezicht en handhaving, waaronder in ieder geval begrepen:
1een bezoekbevestigingsbrief
2een voorwaarschuwingsbrief / waarschuwing
3een vooraankondiging last onder bestuursdwang of last onder dwangsom (hoorbrief)
Betreft de onder H01 genoemde wet- en regelgeving.
H03
Besluiten tot het vaststellen van gedoogbeschikkingen.
Betreft de onder H01 genoemde wet- en regelgeving.
Betreft:
-Procedurestappen
-Ontwerpbesluit/conceptbesluit
-Besluit
H04
Het naar aanleiding van de kenbaar gemaakte zienswijze(n) afzien van bestuurlijk optreden.
Betreft de onder H01 genoemde wet- en regelgeving.
H05
Besluiten en/of handelingen op grond van Titel 5.3 en Titel 5.4 Awb (herstelsancties en bestuurlijke boete, ) met uitzondering van:
de financiële handelingen bij het invorderen van dwangsommen en bij het verhaal van de kosten bestuursdwang;
Betreft de onder H01 genoemde wet- en regelgeving.
Omvat tevens besluiten en (feitelijke) handelingen ter voorbereiding en uitvoering van deze besluiten inclusief het terstond toepassen van bestuursdwang conform artikel 5:31, tweede lid Awb door de toezichthouder, evenals het vaststellen van de hoogte van de verschuldigde kosten in verband met het toepassen van bestuursdwang ex artikel 5:25 lid 6 Awb, alsmede het voornemen van de invorderingsbeschikking en de invorderingsbeschikking dwangsom ex 5:37 Awb;
*De uitzonderingsgrond (invorderen van dwangsommen en verhaal van kosten bestuursdwang) heeft enkel betrekking op de financiële handelingen bij het invorderen van dwangsommen en verhaal kosten bestuursdwang, te weten.;
a) starten van verhaalsprocedure voor kosten bestuursdwang (inclusief conservatoir beslag) of het afzien van kostenverhaal;
b) invordering dwangsom, restitutie van te veel betaalde dwangsombedragen, vermindering of het afzien van invordering van de dwangsom;
c) het treffen van een betalingsregeling in het kader van de onder a. genoemde verhaalsprocedure, of in het kader van de inning van verbeurde dwangsommen;
d) beslaglegging in het kader van executie van een dwangbevel, met betrekking tot een dwangsombesluit;
e) inroepen retentierecht.
Het voornemen van de invorderingsbeschikking en de invorderingsbeschikking dwangsom en vaststellen hoogte kosten bestuursdwang behoren niet tot de financiële handelingen en vallen dus wel onder het mandaat;
Bij controle vuurwerkevenementen geldt dat als een toezichthouder gebruik maakt van het ‘mandaat spoedeisend optreden bij vuurwerkevenementen’ de toezichthouder dit doet conform de bij dit mandaat horende ‘instructies voor toezichthouders toepassing bestuursdwang bij vuurwerkevenementen’
H07
Besluiten op verzoeken van derden om bestuursrechtelijk/handhavend op te treden.
Betreft de onder H01 genoemde wet- en regelgeving.
H08
Het beoordelen van milieuverslagen, overeenkomstig de bij of krachtens paragraaf 10.2.5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving gestelde regels.
H09
Het nemen van besluiten op grond van hoofdstuk 19 Omgevingswet inzake maatregelen bij een ongewoon voorval.
Betreft:
-Procedurestappen
-Ontwerpbesluit / conceptbesluit
-Besluit
H10
Het indienen van een aanvraag op grond van het Besluit
buitengewoon opsporingsambtenaar.
H12
Besluiten en/of handelingen inzake de uitvoering van asbesttaken bij of krachtens het Asbestverwijderingsbesluit 2005, de Wet milieubeheer en de Omgevingswet.
Betreft:
-procedurestappen
-ontwerpbesluit of conceptbesluit
-besluit
-uitbrengen van advies
-verstrekken van gegevens
-melden misstanden aan CKI en het bevoegd gezag informeren
Omvat tevens het uitvoeren van spoedeisend optreden door toezichthouders.
Overgangsrecht
H13
Besluiten en/of handelingen op grond van het overgangsrecht bij of krachtens de Invoeringswet Omgevingswet.
Betreft onder meer:
-procedurestappen
-ontwerpbesluit / conceptbesluit
-besluit