Aanhef
Burgemeester en wethouders van Dinkelland;
Gelet op de artikelen 4.9 derde lid, 4.11 tweede en achtste lid, 5.6 zesde lid, 5.7 zesde lid, 6.2 tweede lid, 6.3 tweede lid en 7.2 eerste lid van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2026;
gelet op artikel 6.5 vijfde lid van de Verordening jeugdhulp gemeente Dinkelland 2026;
overwegende dat het gewenst is de bedragen die gelden en nadere regels vast te stellen ter uitvoering van deze verordeningen;
Besluit vast te stellen:
Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Dinkelland 2026
HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
1In dit Financieel besluit wordt verstaan onder:
a.Verordening Wmo 2015: Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2026;
b.Verordening jeugdhulp: Verordening jeugdhulp gemeente Dinkelland 2026;
c.Nadere regels: Nadere regels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Dinkelland 2026;
d.Reserveringstoeslag: een toeslag die de cliënt verschuldigd is voor een reservering van de maatwerkvoorziening collectief vervoer die ná 21.00 uur wordt gedaan voor de volgende dag, tenzij het een retourrit betreft die gereserveerd wordt in het ziekenhuis bij een taxipoint;
e.Professional: een persoon die in dienst is van een professionele organisatie of die als Zzp’er werkzaam is als bedoeld in de begripsomschrijving van de verordening Wmo 2015 of de verordening jeugdhulp.
2Alle begrippen die in dit Financieel besluit worden gebruikt en niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de daarop gebaseerde lagere regelgeving, de Verordeningen Wmo 2015 en Jeugdhulp, de Nadere regels en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
HOOFSTUK 2 MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING
Artikel 2.1 Rolstoel, vervoersvoorziening en woonvoorziening
1Het persoonsgebonden budget voor een rolstoel, een vervoersvoorziening en/of een woonvoorziening wordt bekend gemaakt in het toekenningsbesluit, waaronder ook de eventuele instandhoudingskosten en/of de WA-verzekering.
2Onder een rolstoel kan tevens zijn inbegrepen een orthese of een kinderduwwagen, niet zijnde een algemeen gebruikelijke buggy.
3Onder een vervoersvoorziening als bedoeld in dit artikel valt niet de maatwerkvoorziening collectief vervoer.
4Het college kan de hoogte van het persoonsgebonden budget vaststellen op basis van de afschrijvingstermijn door het maandbedrag te vermenigvuldigen met het aantal kalendermaanden.
5Het college kan de hoogte van het persoonsgebonden budget vaststellen op basis van de duur van de indicatie door het maandbedrag te vermenigvuldigen met het aantal kalendermaanden.
6Het college kan de hoogte van het persoonsgebonden budget voor de aanschaf van een traplift of een andere huislift vaststellen voor een periode van 10 jaar inclusief de instandhoudingskosten.
Artikel 2.2 Huishoudelijke ondersteuning
1Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een ondersteuner die in dienst is bij een professionele organisatie bedraagt € 33,74 per uur.
2Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een ondersteuner anders dan genoemd in het eerste lid, wordt vastgesteld op basis van het uurloon van de hoogste periodiek behorend bij hulp bij het huishouden van de geldende cao VVT te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. Vanaf 1 januari 2026 bedraagt dit € 21,82 per uur en vanaf 1 juli 2026 € 22,58 per uur.
3De cliënt die is aangewezen op huishoudelijke ondersteuning (wasverzorging) en gebruik maakt van de was- en strijkservice is aan de aanbieder een bedrag verschuldigd per waszak. De hoogte van de bijdrage voor de was- en strijkservice is €5,00 per waszak, met een maximum van twee waszakken per week en 104 waszakken op jaarbasis.
Artikel 2.3 Begeleiding individueel
1Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional bedraagt:
A: voor begeleiding individueel basis € 65,43 per uur
B: voor begeleiding individueel plus € 79,72 per uur
2Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een niet-professional wordt vastgesteld op basis van het uurloon van de hoogste periodiek bij FWG30, volgens de geldende cao VVT te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. Vanaf 1 januari 2026 bedraagt dit € 26,02 en per 1 juli 2026 € 26,94 per uur.
Artikel 2.4 Groepsgerichte ondersteuning en vervoer
1Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional bedraagt:
A: voor begeleiding groep basis € 41,45 per dagdeel;
B: voor begeleiding groep plus € 57,85 per dagdeel.
2Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een niet-professional bedraagt het bedrag zoals genoemd in artikel 5.22, eerste lid, van de Regeling langdurige zorg per dagdeel. Vanaf 1 januari 2026 bedraagt dit bruto € 26,98 per dagdeel.
3Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet-professional die groepsgerichte ondersteuning individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in het eerste of tweede lid. In de pgb-overeenkomst staat een tijdsindicatie op grond waarvan een uurloon wordt betaald maar niet meer dan het bedoelde bedrag per (geïndiceerd) dagdeel.
4De hoogte van het persoonsgebonden budget voor het noodzakelijk vervoer van en naar de locatie waar de groepsgerichte ondersteuning wordt geboden, wordt in het toekenningsbesluit bekend gemaakt.
Artikel 2.5 Kortdurend verblijf
1Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een ondersteuner die:
a.als professional wordt aangemerkt bedraagt het bedrag volgens een door het college goedgekeurde offerte per etmaal,
b.niet als professional wordt aangemerkt bedraagt het bedrag zoals genoemd in artikel 5.22, eerste lid, van de Regeling langdurige zorg per etmaal. Vanaf 1 januari 2026 bedraagt dit bruto € 26,98 per etmaal.
2Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet-professional die kortdurend verblijf individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in eerste lid onder a of b.
3Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet-professional die het kortdurend verblijf individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in het eerste lid onder a of b. In de pgb-overeenkomst staat een tijdsindicatie op grond waarvan een uurloon wordt betaald maar niet meer dan het bedoelde bedrag per (geïndiceerd) etmaal.
Artikel 2.6 Financiële tegemoetkoming
1De hoogte van de tegemoetkoming in de kosten bedraagt:
a.€ 0,23 per kilometer voor het gebruik van een (eigen) auto voor deelname aan het maatschappelijk verkeer als bedoeld in artikel 4.10 van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2026;
b.niet meer dan de geldende maximumtarieven volgens de Regeling maximumtarief en bekendmaking tarieven taxivervoer voor het gebruik van individueel (rolstoel)taxivervoer (maatwerkvoorziening collectief vervoer);
c.per 1 januari 2026 maximaal € 7.673 en per 28 februari 2026 maximaal € 7.926 gebaseerd op het bedrag van de Regeling minimumbijdrage verhuis- en inrichtingskosten bij renovatie. Het betreft de kosten in verband met het primaat van verhuizen als bedoeld in artikel 3.4, tweede lid, van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2026.
2Voor sanering van de woning komt slechts het niet afgeschreven deel van goederen voor een tegemoetkoming in de kosten in aanmerking.
3De financiële tegemoetkoming voor huurderving als bedoeld in artikel 4.11 tweede lid van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2026 bedraagt niet meer dan de werkelijke kosten tot een maximum van het huurbedrag waarvoor huurtoeslag kan worden toegekend. Daarbij geldt dat:
a.over de eerste maand geen kosten worden vergoed;
b.over de tweede en derde maand 100% van de kosten worden vergoed;
c.over de vierde en vijfde maand 75% van de kosten worden vergoed;
d.over de zesde maand 50% van de kosten worden vergoed;
e.ná de zesde maand 100% van de kosten worden vergoed indien vaststaat dat binnen drie maanden de woning verhuurd kan worden aan een persoon die tot de doelgroep van de wet behoort.
4Voor het aanhouden van woningen voor inwoners met ernstige medische beperkingen geldt de volgende financiële tegemoetkoming voor Mijande Wonen voor huurderving als bedoeld in artikel 4.11 tweede lid van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2026:
a.over de eerste maand worden geen kosten vergoed;
b.over de tweede tot en met zesde maand worden 100% van de kosten vergoed.
Artikel 2.7 Bezoekbaar maken van de woning
De maximale tegemoetkoming voor het bezoekbaar maken van de woning bedraagt € 1.500,00.
Artikel 2.8 Ritbijdrage en Reserveringstoeslag
1Voor het gebruik van de maatwerkvoorziening collectief vervoer gelden de volgende ritbijdragen:
a.opstaptarief (starttarief) € 1,16 en
b.het tarief per afgelegde kilometer: € 0,24.
2De hoogte van de reserveringstoeslag bedraagt € 3,00.
Artikel 2.9 Tegemoetkoming meerkosten sportvoorziening
De hoogte van de tegemoetkoming voor de aanschaf van een sportvoorziening bedraagt niet meer dan € 2.700,00 per 3 jaar.
HOOFDSTUK 3 JEUGDHULP
Artikel 3.1 Individuele jeugdhulp
1De hoogte van het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.
2Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een niet-professional bedraagt het bedrag zoals genoemd in artikel 5.22, eerste lid, van de Regeling langdurige zorg per uur dan wel naar rato hiervan (minuten). Vanaf 1 januari 2026 bedraagt dit bruto € 26,98.
Artikel 3.2 Groepsgerichte jeugdhulp en vervoer
1De hoogte van het persoonsgebonden budget (excl. vervoer) dat wordt besteed aan een professional is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.
2Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een niet-professional bedraagt het bedrag zoals genoemd in artikel 5.22, eerste lid, van de Regeling langdurige zorg per dagdeel. Vanaf 1 januari 2026 is dit bruto € 26,98 per dagdeel.
3Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet-professional die groepsgerichte jeugdhulp individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in de bijlage bij dit besluit of het bedrag bedoeld in het vorige lid. In de pgb-overeenkomst staat een tijdsindicatie op grond waarvan een uurloon wordt betaald maar niet meer dan het bedoelde bedrag per (geïndiceerd) dagdeel.
4De hoogte van het persoonsgebonden budget voor het noodzakelijk vervoer van en naar de locatie waar de groepsgewijze jeugdhulp wordt geboden, wordt in het toekenningsbesluit bekend gemaakt.
Artikel 3.3 Wonen en verblijf
1De hoogte van het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.
2Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een niet-professional die wonen en verblijf biedt aan meer dan één jeugdige tegelijk, bedraagt het bedrag per etmaal zoals genoemd in artikel 5.22, eerste lid, van de Regeling langdurige zorg. Vanaf 1 januari 2026 bedraagt dit bruto € 26,98 per etmaal.
3Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet professional die het wonen en verblijf individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in de bijlage bij dit besluit of het bedrag bedoeld in het vorige lid. In de pgb-overeenkomst staat een tijdsindicatie op grond waarvan een uurloon wordt betaald maar niet meer dan het bedoelde bedrag per (geïndiceerd) etmaal.
4Indien er naar oordeel van het college sprake is van een noodzaak tot vervoer als bedoeld in artikel 2.3, tweede lid, van de Jeugdwet, dan wordt de hoogte van het persoonsgebonden budget vastgesteld op basis van een offerte en in het toekenningsbesluit bekend gemaakt.
Artikel 3.4 Vervoer groepsgerichte jeugdhulp en wonen en verblijf door ouders
Indien naar oordeel van het college het vervoer van de jeugdige niet binnen de eigen mogelijkheden en het probleem oplossend vermogen van de ouders valt en er sprake is van een noodzaak tot vervoer als bedoeld in artikel 2.3, tweede lid, van de Jeugdwet, dan kan het college aan de ouders een tegemoetkoming verstrekken voor het gebruik van:
a.een (eigen) auto ter hoogte van € 0,23 per kilometer;
b.het verschuldigde OV-tarief voor de ouder(s) en de jeugdige.
HOOFDSTUK 4 SLOTBEPALINGEN
Artikel 4.1 Citeertitel en inwerkingtreding
1Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2026. Het Financieel Besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Dinkelland 2025 wordt per genoemde datum ingetrokken.
2Deze regeling wordt aangehaald als: Financieel Besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Dinkelland 2026.
Bijlage tarieven ZIN en persoonsgebonden budget (jeugdhulp)
Productcode
Product
Voorziening (naam perceel)
Eenheid
Tarief ZIN
Tarief PGB
ABGII
Begeleiding Individueel Intensief
Begeleiding individueel
minuut
1,44
1,15
AVAKT
Vaktherapie
Vaktherapie
minuut
1,57
1,26
ABHIR
Behandeling Individueel Regulier
Behandeling individueel A
minuut
1,64
1,31
ABHIR
Behandeling individueel B
minuut
2,01
1, 61
ABHIR
Behandeling individueel C
minuut
2,14
1,71
ABHIR
Behandeling individueel D
minuut
2,29
1,83
ABHIR
Behandeling individueel E
minuut
2,54
2,03
ABHIR
Behandeling individueel F
minuut
2,63
2,10
ABHIA
Behandeling Individueel Ambulant Alternatief
Behandeling individueel A
minuut
1,64
1,31
ABHIA
Behandeling individueel B
minuut
2,01
1,61
ABHIA
Behandeling individueel C
minuut
2,14
1,71
ABHIA
Behandeling individueel D
minuut
2,29
1,83
ABHIA
Behandeling individueel E
minuut
2,54
2,03
ABHIA
Behandeling individueel F
minuut
2,63
2,10
ABHFR
Forensische Behandeling
Forensische Behandeling
minuut
2,54
2,03
AMCEX
Medicatiecontrole (exclusief medische comorbiditeit)
Medicatiecontrole (exclusief medische comorbiditeit)
minuut
3,51
2,81
ABGGB
Begeleiding Groep Basis
Begeleiding groep basis
uur
17,66
14,13
ABGGI
Begeleiding Groep Intensief
Begeleiding groep intensief
uur
30,95
24,76
ABHGB
Behandeling Groep Basis
Behandeling groep basis
uur
33,66
26,93
ABHGI
Behandeling Groep Intensief
Behandeling groep intensief
uur
53,05
42,44
AKDCB
KDC/ODC groep Basis
ODC/KDC basis
uur
39,98
31,98
AKDCI
KDC/ODC groep Intensief
ODC/KDC intensief
uur
61,04
48,83
ADYSD
Ernstige dyslexie diagnostiek
Ernstige dyslexie
minuut
2,13
1,17
ADYSB
Ernstige dyslexie behandeling
Ernstige dyslexie
minuut
2,13
1,17
AAFAC
Ambulant Alternatief - Flexible Assertive Community treatment (FACT)
Ambulant alternatief FACT
minuut
2,45
1,96
AAZIT
Ambulant Alternatief - Zeer Intensieve TraumaBehandeling (ZIT)
Ambulant alternatief ZIT
stuks
14.143,00
11.314,47
AAMST
Ambulant Alternatief - MultiSysteem Therapie (MST)
Ambulant alternatief MST
stuks
25.221,10
20.176,88
AACSI
Ambulant Alternatief - Crisis Systeem Interventie (CSI) (gezinsopname)
Ambulant alternatief CSI
etmaal
1.582,26
1.265,81
SCREN
Screening
Screening
minuut
2,44
1,95
WGZHD
Gezinshuis intensiteit D
Gezinshuis
etmaal
193,96
155,17
WGZHE
Gezinshuis intensiteit E
Gezinshuis
etmaal
215,82
172,66
WGZHF
Gezinshuis intensiteit F
Gezinshuis
etmaal
248,61
198,89
WGZHG
Gezinshuis intensiteit G
Gezinshuis
etmaal
306,63
245,30
WWNGD
Woongroep intensiteit D
Woongroep
etmaal
193,96
155,17
WWNGE
Woongroep intensiteit E
Woongroep
etmaal
215,82
172,66
WWNGF
Woongroep intensiteit F
Woongroep
etmaal
248,61
198,89
WWNGG
Woongroep intensiteit G
Woongroep
etmaal
306,63
245,30
WWNGH
Woongroep intensiteit H
Woongroep
etmaal
363,43
290,74
WWNGI
Woongroep intensiteit I
Woongroep
etmaal
414,83
331,86
WWNGJ
Woongroep intensiteit J
Woongroep
etmaal
463,46
370,77
WWNGK
Woongroep intensiteit K
Woongroep
etmaal
513,64
410,91
WHKWG
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit G
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
306,63
245,30
WHKWH
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit H
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
363,43
290,74
WHKWI
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit I
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
414,83
331,86
WHKWJ
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit J
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
463,46
370,77
WHKWK
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit K
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
513,64
410,91
WHKWL
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit L
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
560,86
448,69
WHKWM
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit M
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
626,27
501,02
WHKWN
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit N
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
672,29
537,83
WHKWO
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit O
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
718,30
574,64
WHKWP
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit P
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
764,32
611,46
WHKWQ
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit Q
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
810,33
648,26
WHKWR
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit R
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
856,35
685,08
WHKWS
Hoogspecialistische (Kleinschalige) Woonvoorziening intensiteit S
Hoogspecialistische kleinschalige woonvoorziening
etmaal
900,07
720,06
VKAMC
Kamertraining intensiteit C
Kamertraining
etmaal
138,29
110,63
VKAMD
Kamertraining intensiteit D
Kamertraining
etmaal
193,96
155,17
VKAME
Kamertraining intensiteit E
Kamertraining
etmaal
215,82
172,66
VKAMF
Kamertraining intensiteit F
Kamertraining
etmaal
248,61
198,89
VOKGG
Ouder-Kind-Groep intensiteit G
Ouder-kind groep
etmaal
306,63
245,30
VOKGH
Ouder-Kind-Groep intensiteit H
Ouder-kind groep
etmaal
363,43
290,74
VOKGI
Ouder-Kind-Groep intensiteit I
Ouder-kind groep
etmaal
414,83
331,86
VOKGJ
Ouder-Kind-Groep intensiteit J
Ouder-kind groep
etmaal
463,46
370,77
VOKGK
Ouder-Kind-Groep intensiteit K
Ouder-kind groep
etmaal
513,64
410,91
VOKGL
Ouder-Kind-Groep intensiteit L
Ouder-kind groep
etmaal
560,86
448,69
VBHGF
Behandelgroep intensiteit F
Behandelgroep
etmaal
248,61
198,89
VBHGG
Behandelgroep intensiteit G
Behandelgroep
etmaal
306,63
245,30
VBHGH
Behandelgroep intensiteit H
Behandelgroep
etmaal
363,43
290,74
VBHGI
Behandelgroep intensiteit I
Behandelgroep
etmaal
414,83
331,86
VBHGJ
Behandelgroep intensiteit J
Behandelgroep
etmaal
463,46
370,77
VBHGK
Behandelgroep intensiteit K
Behandelgroep
etmaal
513,64
410,91
VBHGL
Behandelgroep intensiteit L
Behandelgroep
etmaal
560,86
448,69
V3MVL
DrieMilieuVoorziening intensiteit L
Driemilieuvoorziening
etmaal
560,86
448,69
V3MVM
DrieMilieuVoorziening intensiteit M
Driemilieuvoorziening
etmaal
626,27
501,02
V3MVN
DrieMilieuVoorziening intensiteit N
Driemilieuvoorziening
etmaal
672,29
537,83
V3MVO
DrieMilieuVoorziening intensiteit O
Driemilieuvoorziening
etmaal
718,30
574,64
V3MVP
DrieMilieuVoorziening intensiteit P
Driemilieuvoorziening
etmaal
764,32
611,45
V3MVQ
DrieMilieuVoorziening intensiteit Q
Driemilieuvoorziening
etmaal
810,33
648,26
V3MVR
DrieMilieuVoorziening intensiteit R
Driemilieuvoorziening
etmaal
856,35
685,08
V3MVS
DrieMilieuVoorziening intensiteit S
Driemilieuvoorziening
etmaal
900,07
720,06
V3MVT
DrieMilieuVoorziening intensiteit T
Driemilieuvoorziening
etmaal
995,68
796,54
V3MTL
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit L
Driemilieuvoorziening
etmaal
599,45
479,56
V3MTM
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit M
Driemilieuvoorziening
etmaal
657,14
525,71
V3MTN
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit N
Driemilieuvoorziening
etmaal
703,37
562,70
V3MTO
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit O
Driemilieuvoorziening
etmaal
749,61
599,69
V3MTP
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit P
Driemilieuvoorziening
etmaal
795,84
636,67
V3MTQ
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit Q
Driemilieuvoorziening
etmaal
842,07
673,66
V3MTR
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit R
Driemilieuvoorziening
etmaal
888,32
710,66
V3MTS
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit S
Driemilieuvoorziening
etmaal
932,25
745,80
V3MTT
DrieMilieuvoorziening op Terrein intensiteit T
Driemilieuvoorziening
etmaal
1007,70
806,16
54011
Jeugd-ggz verblijf tariefklasse C
Jeugd GGZ verblijf
etmaal
374,13
299,30
54012
Jeugd-ggz verblijf tariefklasse D
Jeugd GGZ verblijf
etmaal
418,91
335,13
54013
Jeugd-ggz verblijf tariefklasse E
Jeugd GGZ verblijf
etmaal
480,94
384,75
54014
Jeugd-ggz verblijf tariefklasse F
Jeugd GGZ verblijf
etmaal
594,97
475,98
54015
Jeugd-ggz verblijf tariefklasse G
Jeugd GGZ verblijf
etmaal
748,52
598,82
5401H
Jeugd-ggz verblijf tariefklasse H
Jeugd GGZ verblijf
etmaal
712,23
569,78
VJZPO
JeugdZorgPlus intensiteit O
JeugdzorgPlus
etmaal
823,89
659,11
VJZPR
JeugdZorgPlus intensiteit R
JeugdzorgPlus
etmaal
957,64
766,11
VJZPS
JeugdZorgPlus intensiteit S
JeugdzorgPlus
etmaal
1004,16
803,33
VJZPT
JeugdZorgPlus intensiteit T
JeugdzorgPlus
etmaal
1050,67
840,54
VLOGC
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit C
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
138,29
110,63
VLOGD
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit D
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
177,51
142,01
VLOGE
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit E
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
215,82
172,66
VLOGF
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit F
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
248,61
198,89
VLOGG
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit G
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
306,63
245,30
VLOGH
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit H
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
363,43
290,74
VLOGI
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit I
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
414,83
331,86
VLOGJ
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit J
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
463,46
370,77
VLOGK
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit K
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
513,64
410,91
VLOGL
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit L
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
560,86
448,69
VLOGM
Deeltijdverblijf/logeren intensiteit M
Deeltijd verblijf/logeren
etmaal
626,27
501,02
VBGGX
Extra verblijfsbegeleiding Groep
Extra VerblijfsBegeleiding
minuut
1,27
1,02
54008
Beschikbaarheidscomponent 24-uurs crisisdient (bcc) ggz-jeugd
Crisisdienst GGZ-Jeugd
stuks
1031,61
825,33
54016
Behandeling crisis ggz-jeugd
Crisisdienst GGZ-Jeugd
minuut
3,33 3
2,66
46A01
Ambulante crisiszorg
Ambulante Crisiszorg
minuut
2,01
1,61
Toelichting Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp
Algemene toelichting
Dit besluit geeft invulling aan de delegatiebepalingen zoals opgenomen in de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2026 en de Verordening jeugdhulp gemeente Dinkelland 2026. Het gaat voornamelijk om de bedragen die gelden in het geval de cliënt, ouders/jeugdige de geïndiceerde ondersteuning in de vorm van een persoonsgebonden budget (pgb) ontvangen. Bij diensten (Jeugdwet en Wmo 2015) gelden gedifferentieerde tarieven. Die zijn afhankelijk aan wie het pgb wordt besteed; een professional of niet-professional. Dit besluit bepaalt tevens in welke gevallen de hoogte van het pgb in het toekenningsbesluit bekend wordt gemaakt.
Artikelsgewijze toelichting
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Geen toelichting nodig.
Hoofdstuk 2 Maatschappelijke ondersteuning
In hoofdstuk 2 zijn de bepalingen neergelegd die betrekking hebben op besluiten die in het kader van de Wmo 2015 zijn genomen.
Artikel 2.1 Rolstoel, vervoersvoorziening en woonvoorziening
In dit artikel staan de regels over de hoogte van het pgb bij de genoemde hulpmiddelen. De hoogte van het pgb wordt in het toekenningsbesluit bekend gemaakt. Vaak gaat het om maandbedragen, namelijk wanneer de genoemde hulpmiddelen bij gecontracteerde aanbieders worden betrokken. Dit artikel regelt ook hoe het (maandelijkse) pgb afwijkend wordt vastgesteld in situaties waarin de cliënt het hulpmiddel aan wil schaffen of binnen de grenzen van de bestedingsvrijheid een ánder hulpmiddel wil aanschaffen. Bij aanschaf zal een maandelijks bedrag vaak niet toereikend zijn. Daarom kan worden voorzien in een éénmalig bedrag.
Artikel 2.2 Huishoudelijke ondersteuning
In dit artikel staan de pgb-bedragen genoemd voor huishoudelijke ondersteuning. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. Het eerste lid gaat over professionals die in dienst zijn van een instelling. Het opgenomen bedrag is berekend volgens het percentage in de verordening. Het tweede lid regelt waar het pgb, dat wordt besteed aan anderen dan bedoeld in het eerste lid, op wordt gebaseerd. Dit conform de verordening.
Artikel 2.3 Begeleiding individueel
In dit artikel staan de gedifferentieerde bedragen genoemd voor begeleiding individueel. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. Personen uit het sociaal netwerk worden niet als professional aangemerkt.
Artikel 2.4 Groepsgerichte ondersteuning en vervoer
Eerste en tweede lid
In dit artikel staan de gedifferentieerde pgb-bedragen genoemd voor groepsgerichte ondersteuning. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. Personen uit het sociaal netwerk worden niet als professional aangemerkt.
Derde lid
Het kan voorkomen dat de cliënt het pgb voor een groepsgerichte indicatie gaat besteden aan een professional of niet-professional) die de groepsgerichte ondersteuning individueel biedt. De SVB beoordeelt de overeenkomst tussen de cliënt en de derde op de geldende arbeidsrechtelijke aspecten staat de omvang van de uren genoemd én het uurloon. Dat zou betekenen dat de hoogte van het pgb in die gevallen per uur moet worden vastgesteld. Dat is niet in overeenstemming met de hoofdregel dat het college niet meer verstrekt dan de goedkoopst passende bijdrage als genoemd in de verordening; de hoogte van het pgb is daar een afgeleide van. Voor groepsgerichte indicaties in natura ontvangt het college een factuur voor die specifieke dienst en niet op basis van een tijdsindicatie per cliënt zoals dat bij individuele begeleiding en huishoudelijke ondersteuning het geval is. In de praktijk zou dat betekenen dat de cliënt tegen het afkeuren van de hiervoor bedoelde overeenkomst door de SVB in bezwaar moet gaan. Immers, het afkeuren van overeenkomst is een besluit (RBROT:2018:5866). Het college wil de cliënt echter niet opzadelen met het voeren van dergelijke juridische procedures. Daarom is in dit lid bepaald dat ook het college (actief) goedkeuring moet geven aan de pgb-overeenkomst die de cliënt aangaat met de derde. Daarin moet -eenvoudig gezegd- een tijdsindicatie en een uurtarief zijn opgenomen welke overeenstemt met maximaal het toepasselijke bedrag in dit lid.
Vierde lid
Stelt het college de noodzaak van het vervoer vast, dan wordt de hoogte van het pgb bekend gemaakt in het toekenningsbesluit.
Artikel 2.5 Kortdurend verblijf
In het eerste lid onder a staat dat de hoogte van het pgb dat wordt besteed aan een professional wordt gebaseerd op de door het college goedgekeurde offerte. Het eerste lid onder b bepaalt het bedrag voor (kort gezegd) de niet-professionals. In het tweede lid bepaalt de dat als het kortdurend verblijf individueel wordt geboden, het pgb niet meer bedraagt dat wat is bepaald in het eerste lid. Het derde lid stelt daarom eisen aan de pgb-overeenkomst. Zie verder de toelichting bij artikel 2.4 derde lid van dit Besluit.
Artikel 2.6 Financiële tegemoetkoming
Spreekt voor zich, behoeft geen toelichting.
Artikel 2.7 Bezoekbaar maken van de woning
Het betreft een bijdrage in de kosten die vanuit de Wmo niet verplicht is, maar waartoe het college heeft besloten die toch mogelijk te maken.
Artikel 2.8 Ritbijdrage en Reserveringstoeslag
De genoemde ritbijdragen zijn afgeleid van de reguliere kosten die eenieder maakt voor het gebruik van Openbaar Vervoer. Ook staat in dit artikel de hoogte van de reserveringstoeslag.
Artikel 2.9 Tegemoetkoming meerkosten sportvoorziening
Het betreft een bijdrage in de kosten die vanuit de Wmo niet verplicht is, maar waartoe het college heeft besloten die toch mogelijk te maken.
Hoofdstuk 3 Jeugdhulp
In hoofdstuk 3 zijn de bepalingen neergelegd die betrekking hebben op besluiten die in het kader van de Jeugdwet zijn genomen.
Artikel 3.1 Individuele jeugdhulp
In dit artikel staan de gedifferentieerde bedragen genoemd voor individuele jeugdhulp. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is wel afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. De bedragen die voor hen gelden staan in de bijlage bij dit besluit. Personen uit het sociaal netwerk, waaronder de ouders, worden niet als professional aangemerkt.
Artikel 3.2 Groepsgerichte jeugdhulp en vervoer
Eerste en tweede lid
In deze leden staan de gedifferentieerde bedragen genoemd voor groepsgerichte jeugdhulp. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. De bedragen die voor hen gelden staan in de bijlage bij dit besluit. Personen uit het sociaal netwerk, waaronder de ouders, worden niet als professional aangemerkt.
Derde lid
Ook hier kan het voor komen dat de jeugdige/ouder(s) het pgb voor een groepsgerichte indicatie gaat besteden aan een professional of niet-professional die de ondersteuning individueel biedt. De hoogte van het pgb bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in het eerste en tweede lid. Het derde lid stelt regels aan de pgb-overeenkomst tussen de jeugdige/ouder(s) en de derde. Vergelijk verder uitgebreide toelichting bij artikel 2.4 derde lid van dit besluit.
Vierde lid
Stelt het college de noodzaak van het vervoer vast, dan wordt de hoogte van het pgb bekend gemaakt in het toekenningsbesluit.
Artikel 3.3 Wonen en verblijf
Eerste en tweede lid
In deze leden staan de gedifferentieerde pgb-bedragen genoemd voor wonen en verblijf. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. De bedragen die voor hen gelden staan in de bijlage bij dit besluit. Personen uit het sociaal netwerk, waaronder de ouders, worden niet als professional aangemerkt.
Derde lid
Ook bij deze indicatie kan het voorkomen dat de jeugdige/ouder(s) het pgb gaat besteden aan een professional of niet-professional die het wonen en verblijf (logeren) individueel biedt. Het derde bepaalt dat het pgb ook dan niet meer bedraagt dan is bepaald in het eerste of tweede lid. Verder stelt het regels aan de pgb-overeenkomst tussen de jeugdige/ouder(s) en de derde. Vergelijk verder de uitgebreide toelichting bij artikel 2.4 derde lid van dit besluit.
Vierde lid
Stelt het college de noodzaak van het vervoer vast, dan wordt de hoogte van het pgb bekend gemaakt in het toekenningsbesluit. De hoogte wordt vastgesteld op basis van ten minste één offerte bij de gecontracteerde vervoerders voor maatwerkvervoer.
Artikel 3.4 Vervoer groepsgerichte ondersteuning en wonen en verblijf door ouders
Afhankelijk van de individuele situatie kan het college zich op het standpunt stellen dat het vervoer van de jeugdige van en naar de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden onder de eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen valt als bedoeld in de wet en de verordening. Dat wil zeggen de ouders kunnen hun kind zelf brengen en halen. Is daar geen sprake van én stelt het college vast dat er een noodzaak is tot vervoer, dan kan aan ouders een tegemoetkoming in de kosten worden toegekend. De tegemoetkoming voor het gebruik van een (eigen) auto wordt daarbij gebaseerd op het belastingvrije tarief dat de Belastingdienst hanteert voor de vergoeding van reiskosten (woon-werkverkeer).
Hoofdstuk 4 Slotbepalingen.
Geen toelichting nodig.