Wijzigingswet Vreemdelingenwet 2000 (nationale visa)

Huidige tekst

Artikel II Wijzigingswet Vreemdelingenwet 2000 (nationale visa)

Geldt sinds 1 juni 2013

  1. 1

    Op de behandeling van aanvragen om een machtiging tot voorlopig verblijf dan wel terugkeervisum die zijn ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C, van deze wet blijft het recht dat gold voor dat tijdstip van toepassing.

  2. 2

    Ten aanzien van de mogelijkheid om bezwaar te maken en beroep in te stellen tegen een besluit op een aanvraag als bedoeld in het eerste lid blijft het recht dat gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C, van deze wet van toepassing.

  3. 3

    Op de behandeling van een aanvraag als bedoeld in artikel 25, ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C, van deze wet, blijft het recht zoals dat gold voor dat tijdstip van toepassing.

  4. 4

    Op de behandeling van een bezwaarschrift tegen een besluit dat is bekendgemaakt voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C, van deze wet, gegeven op een aanvraag als bedoeld in het derde lid, blijft het recht zoals dat gold voor dat tijdstip van toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2014:1656Raad van State, 30 april 2014 (vreemdelingenrecht)

    Bij besluit van 28 februari 2013 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van de vreemdeling om haar een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen afgewezen.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.