Wijzigingswet Mediawet, Wet op de telecommunicatievoorzieningen en de Radio-Omroep-Zender-Wet 1935 (liberalisering van de mediawetgeving)

Huidige tekst

Artikel VII Wijzigingswet Mediawet, Wet op de telecommunicatievoorzieningen en de Radio-Omroep-Zender-Wet 1935 (liberalisering van de mediawetgeving)

Geldt sinds 1 september 1997

Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, handelende in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad, maakt binnen drie weken na inwerkingtreding van artikel II, onderdelen A, E, F, G en I van deze wet in de Staatscourant voor de eerste keer bekend van welke frequenties, bestemd voor het verspreiden van programma’s van een commerciële omroepinstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel hh, van de Mediawet, alsmede van een natuurlijke of rechtspersoon die een omroepprogramma verzorgt, daartoe gerechtigd krachtens de op die persoon van toepassing zijnde buitenlandse regelgeving, het gebruiksrecht via een veiling zal worden toegekend.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.