Wetboek van Koophandel BES

Huidige tekst

Artikel 246 Wetboek van Koophandel BES

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    Het orderbriefje behelst: 1°. hetzij de orderclausule, hetzij de benaming «orderbriefje» of «promesse aan order», opgenomen in de tekst zelf, en uitgedrukt in de taal, waarin de titel is gesteld; 2°. de onvoorwaardelijke belofte een bepaalde som te betalen; 3°. de aanwijzing van de vervaldag; 4°. die van de plaats, waar de betaling moet geschieden; 5°. de naam van degene, aan wie of aan wiens order de betaling moet worden gedaan; 6°. de vermelding van de dagtekening, alsmede van de plaats, waar het orderbiljet is ondertekend; 7°. de handtekening van hem, die de titel uitgeeft (ondertekenaar).

  2. 2

    De titel, waarin één van de vermeldingen, in het voorgaande lid aangegeven, ontbreekt, geldt niet als orderbriefje, behoudens in de hieronder genoemde gevallen.

  3. 3

    Het orderbriefje, waarvan de vervaldag niet is aangewezen, wordt beschouwd als betaalbaar op zicht.

  4. 4

    Bij gebreke van een bijzondere aanwijzing wordt de plaats van de ondertekening van de titel geacht te zijn de plaats van betaling en tevens de plaats van het domicilie van de ondertekenaar.

  5. 5

    Het orderbriefje, dat de plaats van zijn ondertekening niet vermeldt, wordt geacht te zijn ondertekend in de plaats, aangegeven naast de naam van de ondertekenaar.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.