Wet vernieuwing hypothecaire inschrijvingen

Huidige tekst

Artikel 3 Wet vernieuwing hypothecaire inschrijvingen

Geldt sinds 1 januari 1879

  1. 1

    Wegens de vernieuwing der inschrijving worden geene andere kosten in rekening gebragt dan het salaris van den hypotheekbewaarder, dat, tenzij het tegendeel bedongen is, voor rekening van den schuldeischer is en bepaald wordt op de helft van het gewone salaris voor de vernieuwingen aangevraagd in het jaar 1879, op drie vierden van dat salaris voor de vernieuwingen aangevraagd in de zes eerste maanden van het jaar 1880, en op het volle salaris voor die aangevraagd in de laatste zes maanden van dat jaar.

  2. 2

    De tot de vernieuwing vereischte borderellen worden gesteld op ongezegeld papier.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.