Wet veiligheidsregio’s

Wvr

Huidige tekst

Artikel 40 Wvr

Geldt sinds 1 oktober 2010

  1. 1

    De voorzitter van de veiligheidsregio brengt na afloop van een ramp of crisis van meer dan plaatselijke betekenis, in overeenstemming met de burgemeesters die deel uitmaakten van het regionaal beleidsteam, schriftelijk verslag uit aan de raden van de getroffen gemeenten over het verloop van de gebeurtenissen en de besluiten die hij heeft genomen. Hij vermeldt daarbij of een burgemeester gebruik heeft gemaakt van de bevoegdheid schriftelijk bezwaar aan te tekenen.

  2. 2

    De voorzitter van de veiligheidsregio beantwoordt, in overeenstemming met de burgemeesters die deel uitmaakten van het regionaal beleidsteam, schriftelijk de vragen die de raden na ontvangst van het verslag stellen.

  3. 3

    De voorzitter van de veiligheidsregio verstrekt in een raad van een gemeente uit deze veiligheidsregio mondelinge inlichtingen over de besluiten, bedoeld in het eerste lid, indien de desbetreffende raad daarom verzoekt. De raad zendt een afschrift van het verzoek en van de in het eerste en tweede lid bedoelde stukken aan de commissaris van de Koning.

  4. 4

    Indien de raad, gehoord de inlichtingen van de voorzitter van de veiligheidsregio, besluit zijn standpunt over de besluiten, bedoeld in het eerste lid, ter kennis te brengen van Onze Minister, geschiedt dit door tussenkomst van de commissaris van de Koning. De commissaris laat het standpunt van de raad vergezeld gaan van zijn oordeel over de besluiten, en van een afschrift van de in het eerste en tweede lid bedoelde stukken.

  5. 5

    De commissaris van de Koning verricht de werkzaamheden, bedoeld in het vierde lid, volgens een door de regering gegeven ambtsinstructie.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2024:4479Raad van State, 6 november 2024 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 6 juli 2020 heeft de voorzitter van de Veiligheidsregio Groningen bepaald, dat demonstraties waarbij landbouwvoertuigen worden ingezet op wegen, daaraan liggende parkeerterreinen en…

  • ECLI:NL:RBOBR:2022:5595Rechtbank Oost-Brabant, 23 december 2022 (bestuursprocesrecht)

    Uit artikel 5:4 van de Awb volgt dat de bevoegdheid om een bestuurlijke sanctie op te leggen uitdrukkelijk bij of krachtens de wet in formele zin moet zijn toegekend. Ten tijde van belang was noch in…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.