Wet rechtspositionele voorzieningen rampbestrijders

Huidige tekst

Artikel 22 Wet rechtspositionele voorzieningen rampbestrijders

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Ieder kind van de rampbestrijder die tijdens de rampbestrijdingsdienst is komen te overlijden, dat de leeftijd van eenentwintig jaar nog niet heeft bereikt en niet gehuwd is of gehuwd geweest is, heeft recht op een wezenuitkering.

  2. 2

    Met het kind, bedoeld in het eerste lid, wordt gelijkgesteld het kind voor wie de rampbestrijder op het tijdstip van het overlijden de pleegouderlijke zorg had.

  3. 3

    Onder pleegouderlijke zorg, bedoeld in het tweede lid, wordt verstaan de zorg voor het onderhoud en de opvoeding van het kind, als ware het een eigen kind, onafhankelijk van enige verplichting daartoe of van het genieten van een vergoeding daarvoor.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.