Wet post BES

Huidige tekst

Artikel 14 Wet post BES

Geldt sinds 1 januari 2011

  1. 1

    De houder van de concessie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, de vervoerder, bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdeel a, sub 2° , en de houder van een ontheffing als bedoeld in artikel 13, eerste lid, zijn ter dekking van de kosten die verband houden met de werkzaamheden van Onze Minister, of de bestuursorganen of het college genoemd in artikel 2 van de Wet Onafhankelijke post- en telecommunicatieautoriteit, bedoeld in artikel 27, jaarlijks een vergoeding verschuldigd voor zover deze kosten niet reeds krachtens artikel 13, tweede lid, verschuldigd zijn.

  2. 2

    De vergoeding wordt bepaald aan de hand van de door Onze Minister, de bestuursorganen of het college te verrichten werkzaamheden toegerekend aan de onderscheiden marktcategorieën. Van de toerekening van kosten van werkzaamheden zijn uitgezonderd de kosten verbonden aan de behandeling van bezwaarschriften en aan het optreden als procespartij bij behandeling van beroepsschriften.

  3. 3

    Onze Minister stelt de hoogte van de vergoeding vast. Indien de vergoeding betrekking heeft op werkzaamheden van een bestuursorgaan of het college wordt de vergoeding vastgesteld op voorstel van het betreffende orgaan. De vergoeding wordt opgelegd door en wordt voldaan aan het betreffende orgaan dat de werkzaamheden heeft verricht.

  4. 4

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven met betrekking tot de wijze waarop de vergoeding wordt vastgesteld, geheven en ingevorderd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.