Wet Overheidsaansprakelijkheid Bezettingshandelingen

Huidige tekst

Artikel 8 Wet Overheidsaansprakelijkheid Bezettingshandelingen

Geldt sinds 1 september 2008

  1. 1

    Een verzoek, als bedoeld in artikel 7, wordt ingediend, al dan niet door een advocaat, met overlegging van twee afschriften. Een dezer afschriften zendt de griffier onverwijld bij aangetekende brief aan de wederpartij; het andere afschrift zendt hij aan Onze Minister van Financiën. De wederpartij kan binnen drie weken na de dag van afzending een verweerschrift inzenden. Het verweerschrift gaat vergezeld van twee afschriften, waarvan de griffier onverwijld een aan de verzoeker en een aan Onze Minister van Financiën toezendt.

  2. 2

    Het Gerechtshof bepaalt na afloop van de termijn van inzending van het verweerschrift of na eerdere ontvangst daarvan een dag voor verhoor van partijen. Het kan tegen de dag van verhoor of een nadere dag het horen van getuigen of deskundigen bevelen.

  3. 3

    De na afloop van het verhoor of nadere verhoor door het Hof te geven beschikking is met redenen omkleed en wordt uitgesproken in een openbare zitting.

  4. 4

    Ten aanzien der proceskosten geldt het bepaalde in de tweede paragraaf van de twaalfde afdeling van de tweede titel van het eerste boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.