Wet overgang bijzondere rechtspleging

Huidige tekst

Artikel 15 Wet overgang bijzondere rechtspleging

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De op het tijdstip van opheffing van de Bijzondere Raad van Cassatie bij die Raad aanhangige zaken - daaronder begrepen de zaken, waarin een bevel, als bedoeld bij artikel 14 a van het Wetboek van Strafrecht, is gegeven - worden op de wijze, door de Minister van Justitie te regelen, overgebracht bij de Hoge Raad.

  2. 2

    In de gevallen, waarin de wet een taak opdraagt aan de Bijzondere Raad van Cassatie nadat een arrest is gewezen, treedt in de plaats van die Raad de Hoge Raad.

  3. 3

    De overbrenging der bescheiden van het parket en van de griffie wordt door de Minister van Justitie nader geregeld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.