Huidige tekst
Artikel 109 WolBES
- 1
Indien de eilandsraden besluiten tot het instellen van een gezamenlijke ombudsman benoemen zij deze voor de duur van zes jaar.
- 2
De eilandsraden benoemen een plaatsvervangend gezamenlijke ombudsman. Deze paragraaf is op de plaatsvervangend gezamenlijke ombudsman van overeenkomstige toepassing.
- 3
De gezamenlijke ombudsman wordt door de eilandsraden ontslagen: a.op eigen verzoek; b.wanneer hij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt is zijn functie te vervullen; c.bij de aanvaarding van een betrekking als bedoeld in artikel 110, eerste lid; d.wanneer hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel hem bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; e.indien hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, hij surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld; f.indien hij naar het oordeel van de eilandsraden ernstig nadeel toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen.
- 4
De eilandsraden stellen de gezamenlijke ombudsman op non-actief indien hij: a.zich in voorlopige hechtenis bevindt; b.bij een nog niet onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel hem bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; c.onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, hij surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld ingevolge een nog niet onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak.