Huidige tekst
Artikel 1c WOD
Onverminderd artikel 2, tweede en derde lid, worden dierproeven slechts in verband met de volgende doeleinden verricht: a.fundamenteel onderzoek; b.translationeel of toegepast onderzoek met een van de volgende doelstellingen: – de vermijding, voorkoming, diagnose of behandeling van ziekten, gezondheidsstoornissen of andere afwijkingen, dan wel de gevolgen daarvan, bij mensen, dieren of planten, – de beoordeling, opsporing, regulering of wijziging van fysiologische toestanden bij mensen, dieren of planten, of – het welzijn van dieren en de verbetering van de productieomstandigheden voor dieren die met het oog op landbouwdoeleinden worden gefokt; c.elke in onderdeel b genoemde doelstelling, tijdens de ontwikkeling, vervaardiging of beproeving van de kwaliteit, doeltreffendheid en veiligheid van geneesmiddelen, levensmiddelen en diervoeders en andere stoffen of producten; d.bescherming van het milieu in het belang van de gezondheid of het welzijn van mens of dier; e.onderzoek gericht op het behoud van de soort; f.hoger onderwijs of opleiding voor het verwerven, op peil houden of verbeteren van beroepsvaardigheden; g.forensisch onderzoek.