Wet op de consignatie van gelden

Huidige tekst

Artikel 10 Wet op de consignatie van gelden

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De rechtsvordering tot uitkering van geconsigneerde gelden verjaart door verloop van twintig jaren na de consignatie.

  2. 2

    Na de verjaring van de rechtsvordering tot uitkering van geconsigneerde gelden, worden deze onder 's Rijks middelen verantwoord.

  3. 3

    Onze Minister deelt overeenkomstig door hem nader te stellen regelen in het jaar, voorafgaande aan dat van de verjaring, in de Staatscourant mede voor welke gelden de rechtsvordering tot uitkering in het jaar, volgende op die mededeling, verjaart. Ten aanzien van consignaties van gelden ten belope van minder dan € 45,38 vindt geen mededeling plaats. Dit bedrag kan door Onze Minister worden bijgesteld, indien de ontwikkeling van prijsindexcijfers hem daartoe aanleiding geeft.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.