Wet financiering politieke partijen

Huidige tekst

Artikel 10 Wet financiering politieke partijen

Geldt sinds 1 mei 2013

  1. 1

    Indien politieke partijen bij de laatstgehouden verkiezing van de Eerste of Tweede Kamer der Staten-Generaal een samenvoeging van hun geregistreerde aanduidingen of afkortingen daarvan boven de kandidatenlijst hebben geplaatst, gelden in afwijking van artikel 8, eerste lid, de basisbedragen, genoemd in dat lid, voor deze partijen gezamenlijk en worden deze bedragen verdeeld naar evenredigheid van hun kamerzetels. Voor de vaststelling van het aantal kamerzetels van de betrokken politieke partijen, wordt uitgegaan van een daartoe strekkende verklaring van de betrokken politieke partijen. Bij gebreke van een zodanige verklaring, worden de basisbedragen verdeeld naar evenredigheid van het aantal betrokken partijen.

  2. 2

    De verdeling van het basisbedrag voor het politiek-wetenschappelijk instituut, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder b, vindt slechts plaats voor zover de politieke partijen een politiek-wetenschappelijk instituut hebben aangewezen. De verdeling van het basisbedrag voor een instelling voor buitenlandse activiteiten als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder d, vindt slechts plaats voor zover de politieke partijen een instelling voor buitenlandse activiteiten hebben aangewezen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.