Wet betreffende de positie van Molukkers

Huidige tekst

Artikel 3 Wet betreffende de positie van Molukkers

Geldt sinds 17 februari 1999

  1. 1

    Onze Minister van Justitie kan, op een daartoe gedaan verzoek, door een aan de verzoeker af te geven verklaring de toepassing van deze wet uitbreiden tot andere dan de in de artikelen 1 en 2 bedoelde Molukkers, welke met dezen nauwe maatschappelijke banden hebben, die zich vóór 1 oktober 1965 in Nederland hebben gevestigd en aldaar ten tijde van het verzoek woonplaats of werkelijk verblijf hebben.

  2. 2

    Op de kinderen van Molukkers aan wie de in het voorgaande lid bedoelde verklaring is afgegeven is artikel 2 van overeenkomstige toepassing, indien zij op het tijdstip van de indiening van het verzoek in Nederland woonplaats of werkelijk verblijf hebben.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2003:AF9609Centrale Raad van Beroep, 20 maart 2003 (bestuursrecht)

    Geen reden om ingangsdatum van het pensioen op een eerdere datum te bepalen nu de Staatssecretaris van Justitie eerst op 11 oktober 1995 ermee heeft ingestemd om betrokkene onder de wet betreffende…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.