Wet bescherming bedrijfsgeheimen

Huidige tekst

Artikel 6 Wet bescherming bedrijfsgeheimen

Geldt sinds 23 oktober 2018

  1. 1

    De rechter kan op vordering van de houder van het bedrijfsgeheim de volgende maatregelen jegens de inbreukmaker bevelen: a.de staking van of het verbod op het onrechtmatig gebruik of op de onrechtmatige openbaarmaking van het bedrijfsgeheim; b.het verbod om inbreukmakende goederen te produceren, aan te bieden, in de handel te brengen of te gebruiken, of om inbreukmakende goederen voor deze doeleinden in te voeren, uit te voeren of op te slaan; c.het terugroepen van de inbreukmakende goederen van de markt; d.het ontdoen van de inbreukmakende goederen van hun inbreukmakende hoedanigheid; e.de vernietiging van de inbreukmakende goederen of het uit de handel nemen ervan, op voorwaarde dat het uit de handel nemen geen afbreuk doet aan de bescherming van het bedrijfsgeheim; f.gehele of gedeeltelijke vernietiging van de documenten, voorwerpen, substanties, materialen of elektronische bestanden die op onrechtmatige wijze het bedrijfsgeheim bevatten of de gehele of gedeeltelijke overhandiging daarvan aan de houder van het bedrijfsgeheim.

  2. 2

    De maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen c tot en met f, worden op kosten van de inbreukmaker uitgevoerd, tenzij bijzondere redenen dit beletten.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:7047Rechtbank Amsterdam, 10 juli 2026 (burgerlijk procesrecht)

    Executiegeschil. In het incident acht de voorzieningenrechter zich bevoegd van de vorderingen kennis te nemen. Voldoende aannemelijk dat de executie in het arrondissement Amsterdam zal geschieden. In…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:5976Rechtbank Amsterdam, 11 juni 2026 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Klantenbestand is een bedrijfsgeheim. Het zonder toestemming aanschrijven van klanten is onrechtmatig.

  • ECLI:NL:RBROT:2024:6597Rechtbank Rotterdam, 17 juli 2024 (verbintenissenrecht)

    Tussenvonnis. Eisers stellen dat gedaagden met behulp van bedrijfsgeheimen die van eisers afkomstig zijn (producten met) emulsiepolymeren (na)maken en verkopen. In Turkije zijn procedures gevoerd en…

  • ECLI:NL:GHSHE:2024:721Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 maart 2024 (verbintenissenrecht)

    Schending van postcontractuele verplichtingen. Contractuele boetes verbeurd. Matiging.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.