Huidige tekst
Artikel 14 WAG
- 1
Toestemming, als bedoeld in artikel 12, onder a, kan worden geweigerd: a.indien redelijkerwijs moet worden aangenomen, dat de feitelijke toestand niet met het in het verzoek vermelde in overeenstemming zal zijn; b.indien bij het verzoek een arbeidsovereenkomst met de bedrijfsleider, die op het bedrijf werkzaam zal zijn, is overgelegd: 1°. indien niet wordt aangetoond, dat de bedrijfsleider voldoet aan bij algemene maatregel van bestuur te stellen vereisten met betrekking tot opleiding, ervaring of hoofdberoep. 2°. indien redelijkerwijs moet worden aangenomen, dat de bedrijfsleider niet duurzaam met de leiding van het bedrijf belast zal zijn; 3°. indien redelijkerwijs moet worden aangenomen, dat de bedrijfsleider tevens bedrijfsleider buiten het betrokken bedrijf zal zijn; c.indien bij het verzoek een pachtovereenkomst of een ontwerp-pachtovereenkomst met betrekking tot de te vervreemden landbouwgrond is overgelegd: 1°. indien redelijkerwijs moet worden aangenomen, dat partijen niet werkelijk bedoelen de pachtovereenkomst tot stand te brengen, dan wel de pachtovereenkomst duurzaam in stand te houden; 2°. indien redelijkerwijs moet worden aangenomen, dat de pachtovereenkomst binnen afzienbare tijd zal eindigen en niet aanstonds door een ander zal worden vervangen.
- 2
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regelen worden gesteld met betrekking tot de weigeringsgronden als omschreven in het vorige lid.
- 3
Ingeval de toestemming niet verleend wordt, staat beroep open bij de Centrale Grondkamer.
- 4