Warenwetregeling tatoeëren en piercen

Huidige tekst

Artikel 6 Warenwetregeling tatoeëren en piercen

Geldt sinds 2 februari 2012

  1. 1

    De ondernemer draagt er zorg voor dat in de ruimte waar tatoeage- of piercingmateriaal wordt gebruikt, schriftelijke informatie voorhanden is over het gebruik van het materiaal, betreffende: a.de gevaren voor infecties en andere complicaties; b.het verzorgen van de verwondingen die ontstaan door het gebruik van het materiaal; c.de risico’s van het gebruik van het materiaal bij gezondheidsklachten.

  2. 2

    De ondernemer draagt er zorg voor dat degene ten aanzien van wie het tatoeage- of piercingmateriaal zal worden gebruikt, tijdig voor gebruik van de informatie in kennis wordt gesteld.

  3. 3

    Indien de persoon ten aanzien van wie het tatoeage- of piercingmateriaal wordt gebruikt, wordt vergezeld van zijn wettige vertegenwoordiger, draagt de ondernemer er tevens zorg voor dat ook die persoon tijdig voor het gebruik van de schriftelijke informatie in kennis wordt gesteld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.