Vissersvaartuigenbesluit 2002

Huidige tekst

Artikel 11.24 Vissersvaartuigenbesluit 2002

Geldt sinds 20 februari 2002

Plaatsing aan boord van niet voorgeschreven uitrusting 1 De eigenaar van een vissersvaartuig stelt het Hoofd van de Scheepvaartinspectie ervan op de hoogte indien het vaartuig wordt uitgerust met niet in dit besluit voorgeschreven reddingsmiddelen, veiligheidsmiddelen, hulpmiddelen voor plaatsbepaling en ter voorkoming van aanvaring en radio-inrichtingen. 2 Voorzover het middelen of inrichtingen betreft die in dit besluit met name worden genoemd, voldoen zij aan alle daarvoor in dit besluit omschreven eisen en verkeren zij in deugdelijke toestand. Voorzover zij niet met name worden genoemd in dit besluit, dienen zij naar het oordeel van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie voor het doel geschikt te zijn en in deugdelijke staat te verkeren.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CBB:2025:387College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22 juli 2025 (bestuursrecht)

    Scheepvaarttuchtrecht. De schipper gebruikte als primair navigatiemiddel de elektronische navigatie- en kaartsystemen Quodfish en Timezero. In hoger beroep is nog één bezwaar van de minister aan de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.