Verdrag van Wenen inzake consulaire betrekkingen

Huidige tekst

Artikel 26 Verdrag van Wenen inzake consulaire betrekkingen

Geldt sinds 16 januari 1986

Vertrek van het grondgebied van de ontvangende Staat De ontvangende Staat moet, zelfs in het geval van een gewapend conflict, de leden van de consulaire post en de leden van het particuliere personeel die geen onderdanen van de ontvangende Staat zijn, alsmede bij hen inwonende gezinsleden, ongeacht hun nationaliteit, de nodige tijd en faciliteiten verlenen ten einde hen in staat te stellen hun vertrek voor te bereiden en binnen de kortst mogelijke tijd na beëindiging van hun werkzaamheden te vertrekken. In het bijzonder moet de ontvangende Staat hun, in geval van nood, de nodige vervoermiddelen ter beschikking stellen voor henzelf zowel als voor hun goederen, met uitzondering van goederen die in de ontvangende Staat verworven zijn en waarvan uitvoer ten tijde van het vertrek is verboden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.