Verdrag van de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom inzake uitvoeringen en fonogrammen (WPPT) (1996)

WPPT

Huidige tekst

Artikel 3 WPPT

Geldt sinds 20 december 1996

Gerechtigden tot de in dit Verdrag voorziene bescherming 1 De Verdragsluitende Partijen verlenen de in dit Verdrag voorziene bescherming aan de uitvoerende kunstenaars en producenten van fonogrammen die onderdaan zijn van andere Verdragsluitende Partijen. 2 Onder „onderdanen van andere Verdragsluitende Partijen” dient te worden verstaan de uitvoerende kunstenaars of producenten van fonogrammen die zouden voldoen aan de criteria om in aanmerking te komen voor de in het Verdrag van Rome voorziene bescherming, indien alle Verdragsluitende Partijen bij dit Verdrag Verdragsluitende Staten bij dat Verdrag zouden zijn. Met betrekking tot deze criteria passen de Verdragsluitende Partijen de relevante begripsbepalingen van artikel 2 van dit Verdrag toe. 3 Iedere Verdragsluitende Partij die gebruik maakt van de mogelijkheden voorzien in artikel 5, derde lid, van het Verdrag van Rome of, voor de toepassing van artikel 5 van dat Verdrag, in artikel 17 daarvan, richt een kennisgeving als voorzien in die bepalingen aan de Directeur-Generaal van de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom (WIPO).

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2023:30Parket bij de Hoge Raad, 6 januari 2023 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Europees recht. Auteursrecht. Materiële reciprociteitstoets werken van toegepaste kunst (art. 2 lid 7 Berner Conventie); betekenis RAAP-arrest (HvJEU 8 september 2020, C-265/19, ECLI:EU:C:2020:677)…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.