Verdrag van de Verenigde Naties tegen grensoverschrijdende georganiseerde misdaad

TOC

Huidige tekst

Artikel 34 TOC

Geldt sinds 25 juni 2004

Uitvoering van het Verdrag 1 Elke Staat die partij is, neemt de nodige maatregelen, met inbegrip van wettelijke en bestuursrechtelijke maatregelen, overeenkomstig de grondbeginselen van zijn nationale recht, om de uitvoering van zijn verplichtingen ingevolge dit Verdrag te verzekeren. 2 De overeenkomstig de artikelen 5, 6, 8 en 23 van dit Verdrag strafbaar gestelde feiten worden los van het grensoverschrijdende karakter of de betrokkenheid van een criminele organisatie als omschreven in artikel 3, eerste lid van dit Verdrag, omschreven in het nationale recht van elke Staat die partij is, tenzij overeenkomstig artikel 5 van dit Verdrag de betrokkenheid van een criminele organisatie vereist zou zijn. 3 Elke Staat die partij is, kan strengere of zwaardere maatregelen nemen dan die voorzien in dit Verdrag ten behoeve van de voorkoming en bestrijding van grensoverschrijdende georganiseerde misdaad.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.