Huidige tekst
Artikel 15 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de verbinding tussen de Schelde en de Rijn
- 1
De Hoge Verdragsluitende Partijen treffen, elk op haar gebied, de nodige maatregelen opdat het peil van het in artikel 3, eerste lid, onder a ), genoemde kanaal zoveel mogelijk blijft gehandhaafd op 1,60 m + N.A.P. of (+ 4.00), Staf. Daartoe staan de wederzijdse technische diensten regelmatig met elkaar in verbinding; maatregelen die op het peil van invloed kunnen zijn, worden door hen niet dan na overleg genomen. Zodra het kanaal een waterstand van 1,95 m + N.A.P. of (+ 4,35) Staf heeft bereikt, doet de Belgische dienst op het eerste verzoek van de Nederlandse dienst de waterafvoer naar het kanaal tot nader bericht volledig ophouden.
- 2
Nederland draagt zorg, dat de waterstand op het in artikel 3, eerste lid, onder b ), c) en d ), bedoelde gedeelte van de vaarweg na de afsluiting van de Oosterschelde, bijzondere omstandigheden van wind voorbehouden, niet daalt beneden 1,00 m - N.A.P. of (+ 1,40) Staf en niet stijgt boven 0,50 m + N.A.P. of (+ 2,90) Staf.