Huidige tekst
Artikel 12 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Oezbekistan inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken
- 1
Verzoeken om bijstand uit hoofde van dit Verdrag worden, schriftelijk en vergezeld van nuttig geachte documenten, rechtstreeks aan de douane-administratie van de andere Verdragsluitende Partij gericht. Wanneer de omstandigheden dit vereisen, kunnen verzoeken ook mondeling worden gedaan. Dergelijke verzoeken worden onmiddellijk schriftelijk bevestigd.
- 2
Verzoeken ingevolge het eerste lid van dit artikel bevatten de volgende bijzonderheden: a.de douane-administratie die het verzoek doet; b.het onderwerp van en de reden voor het verzoek; c.een korte beschrijving van de zaak, de juridische aspecten en de aard van de te nemen stappen; d.de namen en adressen van de betrokken partijen, voorzover bekend.
- 3
Een verzoek van een van de douane-administraties een bepaalde procedure te volgen wordt ingewilligd, met inachtneming van de nationale wetgeving van de aangezochte Verdragsluitende Partij.
- 4
De in dit Verdrag bedoelde informatie wordt alleen aan ambtenaren medegedeeld die door beide douane-administraties hiertoe zijn aangewezen. Een lijst van aldus aangewezen ambtenaren wordt aan de douane-administratie van de andere Verdragsluitende Partij verstrekt als een van de in artikel 19 van dit Verdrag genoemde stappen.