Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Argentijnse Republiek tot wederzijdse uitlevering van misdadigers

Huidige tekst

Artikel 15 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Argentijnse Republiek tot wederzijdse uitlevering van misdadigers

Geldt sinds 20 februari 1898

Wanneer, bij vervolging ter zake van een gemeen misdrijf, een der beide Regeeringen het hooren van getuigen, die zich in den anderen Staat bevinden, noodig oordeelt, zal daartoe eene rogatoire commissie, vergezeld van eene fransche vertaling, langs diplomatieken of consulairen weg gezonden worden aan de Regeering van het land, waar het verhoor moet plaats hebben, en zal daaraan gevolg gegeven worden in het land, hetwelk is aangezocht, met inachtneming der wetten, die ter zake toepasselijk zijn in het land, waar de getuigen moeten verschijnen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.