Verdrag tot vaststelling van de minimumleeftijd van toelating van kinderen tot arbeid op zee (herzien)

Huidige tekst

Artikel 11 Verdrag tot vaststelling van de minimumleeftijd van toelating van kinderen tot arbeid op zee (herzien)

Geldt sinds 13 november 1964

  1. 1

    Indien de Internationale Arbeidsconferentie een nieuw verdrag aanneemt, houdende geheele of gedeeltelijke herziening van dit verdrag, zal, tenzij het nieuwe verdrag anders bepaalt: a.de bekrachtiging door elk Lid van het nieuwe verdrag houdende herziening, vanzelf medebrengen, onmiddellijke opzegging van dit verdrag, niettegenstaande het bepaalde in artikel 9 onder voorbehoud evenwel, dat het nieuwe verdrag, houdende herziening, van kracht geworden is; b.vanaf den datum, waarop het nieuwe verdrag, houdende herziening, van kracht geworden is, het onderhavige verdrag niet langer door de Leden bekrachtigd kunnen worden.

  2. 2

    Het onderhavige verdrag zal echter van kracht blijven naar vorm en inhoud voor die Leden, die het bekrachtigd hebben en die het nieuwe verdrag, houdende herziening, niet bekrachtigen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.