Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing

Huidige tekst

Artikel 3 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing

Geldt sinds 20 januari 1989

  1. 1

    Geen enkele Staat die partij is bij dit Verdrag, mag een persoon uitzetten of terugzenden („refouler") naar of uitleveren aan een andere Staat wanneer er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat hij daar gevaar zou lopen te worden onderworpen aan foltering.

  2. 2

    Bij het vaststellen of zodanige redenen aanwezig zijn, dienen de bevoegde autoriteiten rekening te houden met alle van belang zijnde overwegingen waaronder, waar van toepassing, het bestaan in de betrokken Staat van een samenhangend patroon van grove, flagrante of massale schendingen van mensenrechten.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2015:831Parket bij de Hoge Raad, 12 mei 2015 (strafrecht)

    Uitlevering. Afwijzing door de Rb van het verzoek om de advocaten in de Georgische strafzaken van de opgeëiste persoon als getuigen te horen. Gelet op ECLI:NL:HR:2013:BZ5399 heeft de Rb met juistheid…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:24347Rechtbank Den Haag, 28 april 2026 (vreemdelingenrecht)

    Er mag worden uitgegaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië. Eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat de (hogere) Italiaanse autoriteiten haar als statushouder niet…

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:12513Rechtbank Den Haag, 21 juni 2024 (vreemdelingenrecht)

    Dublin Zweden, ongegrond, standaard voornemen niet onzorgvuldig, geen sprake van indirect refoulement

  • ECLI:NL:RBDHA:2022:11948Rechtbank Den Haag, 29 april 2022 (vreemdelingenrecht)

    Asiel; veilig land van herkomst; Marokko; beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RBLIM:2021:4336Rechtbank Limburg, 28 mei 2021 (bestuursrecht)

    In deze zaak is het Nederlanderschap van eiser ingetrokken, omdat hij zich heeft schuldig gemaakt aan het plegen van (voorbereidingshandelingen voor) een terroristisch misdrijf. Naar het oordeel van…

  • ECLI:NL:RBDHA:2020:7033Rechtbank Den Haag, 27 juli 2020 (vreemdelingenrecht)

    Verlengde asielprocedure - Palestijn - aanvraag afgewezen als ongegrond - gestelde problemen met Al-Aqsa niet aannemelijk gemaakt - het in beroep aangevoerde nieuwe asielmotief wordt niet bij het…

  • ECLI:NL:RBDHA:2019:11882Rechtbank Den Haag, 2 mei 2019 (vreemdelingenrecht)

    Asielaanvraag afgewezen; tegenwerping artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag vanwege rol binnen Nigeriaanse bende; geen reëel en voorzienbaar risico op schending van artikel 3 van het EVRM bij…

  • ECLI:NL:RBDHA:2018:14417Rechtbank Den Haag, 30 november 2018 (vreemdelingenrecht)

    Dublin Frankrijk, Senegalese

11 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.