Verdrag nopens zekere vragen betreffende wetsconflicten inzake nationaliteit

Huidige tekst

Artikel 1 Verdrag nopens zekere vragen betreffende wetsconflicten inzake nationaliteit

Geldt sinds 1 juli 1937

Het behoort tot de bevoegdheid van iederen Staat in zijn wetgeving te bepalen, wie zijn onderdanen zijn. Deze wetgeving moet door de andere Staten worden erkend, voor zoover zij in overeenstemming is met de internationale verdragen, de internationale gewoonte en de algemeen erkende rechtsbeginselen ter zake van nationaliteit.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2004:AP0033Parket bij de Hoge Raad, 3 september 2004 (civiel recht)

    3 september 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/112HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [Verzoeker], wonende te [woonplaats], Israël, VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. A.B.…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.