Verdrag nopens de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen over onderhoudsverplichtingen jegens kinderen

Huidige tekst

Artikel 18 Verdrag nopens de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen over onderhoudsverplichtingen jegens kinderen

Geldt sinds 28 april 1964

Iedere verdragsluitende Staat kan bij de ondertekening of de bekrachtiging van of bij de toetreding tot dit Verdrag een voorbehoud maken met betrekking tot de erkenning en de uitvoerbaarverklaring van de beslissingen, gegeven door een autoriteit van een andere verdragsluitende Staat, die bevoegd zou zijn geweest uit hoofde van de verblijfplaats van de onderhoudsgerechtigde. De Staat, die zodanig voorbehoud heeft gemaakt, kan geen aanspraak maken op toepassing van het Verdrag op beslissingen, gegeven door autoriteiten van die Staat, wanneer deze bevoegd zijn geweest uit hoofde van de verblijfplaats van de onderhoudsgerechtigde.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.