Verdrag inzake de erkenning van getuigschriften betreffende hoger onderwijs in de Europese regio

Huidige tekst

Artikel VII Verdrag inzake de erkenning van getuigschriften betreffende hoger onderwijs in de Europese regio

Geldt sinds 11 april 1997

Iedere Partij neemt alle praktisch uitvoerbare en redelijke maatregelen in het kader van haar onderwijsstelsel en in overeenstemming met haar constitutionele, wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen ten einde procedures op te stellen die zijn gericht op een billijke en doeltreffende beoordeling van de vraag of vluchtelingen, ontheemden en personen die in een situatie vergelijkbaar met die van vluchtelingen verkeren, voldoen aan de ter zake doende eisen gesteld voor toegang tot hoger onderwijs, tot verdere programma's voor hoger onderwijs of tot de arbeidsmarkt, zelfs in de gevallen waarin de op het grondgebied van één der Partijen verkregen kwalificaties niet door documenten kunnen worden aangetoond.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.