Verdrag betreffende migrerende arbeiders (herzien) 1949

Huidige tekst

Artikel 2 Verdrag betreffende migrerende arbeiders (herzien) 1949

Geldt sinds 13 november 1964

  1. 1

    Persoonlijke eigendommen van migrerende arbeiders en van de leden van hun gezinnen, die toestemming hebben verkregen hen te vergezellen of zich bij hen te voegen, moeten vrijgesteld zijn van douanerechten bij de terugkeer van deze personen naar het land van herkomst, indien deze personen de nationaliteit van dat land hebben behouden.

  2. 2

    Draagbare handgereedschappen en draagbare uitrustingsstukken, welke gewoonlijk in het bezit zijn van arbeiders voor de uitoefening van hun beroep, welke toebehoren aan migrerende arbeiders en de leden van hun gezinnen, die toestemming hebben verkregen hen te vergezellen of zich bij hen te voegen, moeten vrijgesteld zijn van douanerechten bij vertrek van deze personen naar het land van herkomst, indien zij hun nationaliteit hebben behouden, indien bewezen kan worden, dat die gereedschappen en uitrustingsstukken ten tijde van invoer hun feitelijk eigendom of bezit zijn, een aanmerkelijke tijd in hun bezit zijn geweest en door hen zijn gebruikt, en bestemd zijn voor gebruik in de uitoefening van hun beroep.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.