Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging

Huidige tekst

Artikel 13 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging

Geldt sinds 1 oktober 1992

Voor de toepassing van artikel 11, tweede lid, wordt de vertegenwoordiger, wanneer hij vanuit de ene Staat met de derde in een andere Staat in verbinding heeft gestaan per post, telegram, telex, telefoon of enig ander dergelijk middel, geacht daar te hebben gehandeld waar zijn kantoor of, bij gebreke daarvan, zijn gewone verblijfplaats is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBNNE:2021:609Rechtbank Noord-Nederland, 24 februari 2021 (civiel recht)

    Haag Vertegenwoordigingsverdrag

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.