Verdrag betreffende de accommodatie aan boord van vissersschepen

Huidige tekst

Artikel 8 Verdrag betreffende de accommodatie aan boord van vissersschepen

Geldt sinds 12 mei 1977

  1. 1

    Er dient voor een doelmatige installatie voor verwarming van de bemanningsverblijven te worden gezorgd, die is aangepast aan de klimatologische omstandigheden.

  2. 2

    Zo mogelijk, dient deze verwarmingsinstallatie, zolang de bemanning aan boord verblijft of daar arbeid verricht, en indien de omstandigheden dit gebieden, in werking te zijn.

  3. 3

    Verwarming door middel van open vuren is verboden.

  4. 4

    De verwarmingsinstallatie dient, wat weer en klimaat betreft, onder normale praktijkomstandigheden de temperatuur in de bemanningsverblijven op een redelijk niveau te kunnen houden; de bevoegde autoriteit schrijft hiervoor de normen voor.

  5. 5

    Radiatoren en andere verwarmingsapparaten dienen zodanig te worden opgesteld en, zo nodig, afgeschermd en van beveiligingsmiddelen voorzien, dat er voor de opvarenden geen brandgevaar of ander gevaar of ongerief ontstaat.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.