Vaartuigenwet 1930 BES

Huidige tekst

Artikel 7 Vaartuigenwet 1930 BES

Geldt sinds 10 oktober 2010

Indien de in het voorgaand artikel bedoelde termijn verstrijkt terwijl het vaartuig zich op zee bevindt, blijft de schriftelijke vergunning van kracht tot aan het eerstvolgende binnenvaren na dien in een der havens of baaien van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba. Indien het vaartuig niet binnengevaren is ter plaatse waar de vergunning werd afgegeven, gelijk mede indien de in het voorgaand artikel bedoelde termijn verstrijkt, terwijl het vaartuig zich bevindt in een der havens of baaien van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, doch niet ter plaatse, waar de vergunning werd afgegeven, zal de op zoodanige plaats tot het afgeven van dergelijke vergunning bevoegde ambtenaar op de vergunning een aanteekening stellen, houdende een voorloopige verlenging daarvan voor ten hoogste één maand, welke daarna nog voor ten hoogste twee keeren op gelijke wijze kan worden herhaald.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.