Uitvoeringswet CSE-verdrag

Huidige tekst

Artikel 2 Uitvoeringswet CSE-verdrag

Geldt sinds 17 februari 1999

  1. 1

    Het hoofd van het begeleidingsteam is bij een verrassingsinspectie bevoegd van een ieder alle medewerking te vorderen die nodig is voor de uitvoering van de taken die bij het Verdrag zijn opgedragen aan de inspecteurs en het begeleidingsteam.

  2. 2

    Hij die opzettelijk niet voldoet aan een vordering als bedoeld in het eerste lid, alsmede hij die bij gelegenheid van een verrassingsinspectie opzettelijk enige handeling door een inspecteur dan wel een lid van het begeleidingsteam ondernomen ter uitvoering van hun taak als in het Verdrag omschreven, belet, belemmert of verijdelt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.

  3. 3

    Het feit strafbaar gesteld in het tweede lid wordt beschouwd als misdrijf.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.