Huidige tekst
Artikel 4.15 UWVO 2020
Beoordeling centraal examen staatsexamen door correctoren 1 Het college draagt er zorg voor dat elk afzonderlijk gemaakte werk voor het centraal examen achtereenvolgens door twee door het college aan te wijzen correctoren wordt beoordeeld. 2 De correctoren kijken het werk onafhankelijk van elkaar na. 3 De corrector past bij zijn beoordeling de beoordelingsnormen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens toe. 4 De corrector drukt zijn beoordeling uit in de score, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens. 5 De corrector zendt de score en het beoordeelde werk aan het college. 6 Indien dit het college noodzakelijk voorkomt, wordt het oordeel van een derde corrector ingeroepen. Het tweede, derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de derde corrector.