Uitvoeringsbesluit Wet op de weerkorpsen

Huidige tekst

Artikel 7 Uitvoeringsbesluit Wet op de weerkorpsen

Geldt sinds 1 januari 1998

  1. 1

    Instemming van den burgemeester behoeven: a.de bezetting der rangen; b.de te houden oefeningen, marschen en parades; c.het programma van de opleiding tot de onderscheidene functies; d.de aankoop, de bewaring en het onderhoud van wapenen en munitie - zulks onverminderd de bepalingen bij en krachtens de Wet wapens en munitie ( Stb. 1986, 41) gesteld - en van helmen en gasmaskers; e.de inrichting en het houden van opslagplaatsen.

  2. 2

    Bovendien is de Vrijwillige Burgerwacht verplicht mede te werken bij alle contrôle, uitgeoefend door Onzen Minister van Binnenlandsche Zaken of het bevoegd militair gezag ten aanzien van de bovengenoemde onderwerpen.

  3. 3

    De Vrijwillige Burgerwacht voert geen correspondentie met militaire autoriteiten en doet den burgemeester voortdurend mededeeling van alle correspondentie, harerzijds gevoerd met andere burgerlijke autoriteiten dan het bestuur der gemeente van vestiging of zijn organen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.