Tribunaalbesluit

Huidige tekst

Artikel 49 Tribunaalbesluit

Geldt sinds 1 januari 2002

De termijn, welke tusschen den dag, waarop de dagvaarding aan den beschuldigde is beteekend en dien der zitting, waartoe hij is gedagvaard, moet verstrijken, bedraagt: 1°. indien de beschuldigde in het Rijk in Europa een bekende woon- of verblijfplaats heeft, tenminste zeven dagen; 2°. indien de beschuldigde in het Rijk in Europa geen bekende woon- of verblijfplaats noch een bijzonderen vertegenwoordiger heeft: a.ingeval hij een bekende woonplaats heeft in België, Denemarken, Duitschland, Frankrijk, Groot-Brittannië en Ierland, Liechtenstein, Luxemburg, Monaco, Oostenrijk of Zwitserland, terminste één maand, b.ingeval hij elders in Europa een bekende woonplaats heeft, tenminste twee maanden, c.in alle andere gevallen tenminste drie maanden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.