Huidige tekst
Artikel 7 Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen 2024–2027
Specifieke afwijzingsgronden Onverminderd de in artikel 11 en 12 van het Kaderbesluit vermelde afwijzingsgronden, wordt een aanvraag tot subsidie in ieder geval afgewezen indien: a. al subsidie is verstrekt voor hetzelfde project op grond van: 1° deze regeling; 2° de Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen 2022–2023; 3° de Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024–2026. b. sprake is van ongeoorloofde cumulatie van steun als bedoeld in artikel 8 van de algemene groepsvrijstellingsverordening; c. sprake is van een onderneming in moeilijkheden als bedoeld artikel 2, achttiende lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; d. de werkzaamheden aan het project reeds zijn aangevangen voordat de aanvraag voor de subsidie van dat project is ingediend; e. de subsidieverstrekking niet in overeenstemming is met enige andere bepaling in de algemene groepsvrijstellingsverordening; of f. voor een project niet minimaal een stikstofdepositiereductie van 0,03 mol/hectare/jaar/miljoen euro subsidie per project wordt behaald.