Tijdelijk besluit specifieke uitkering verbetering digitale dienstverlening

Huidige tekst

Artikel 14 Tijdelijk besluit specifieke uitkering verbetering digitale dienstverlening

Geldt sinds 11 juli 2020

Vaststelling 1 De hoofdaanvrager van de uitkering legt verantwoording af over de besteding van de uitkering op de wijze bepaald in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet. Indien uit de verantwoordingsinformatie blijkt dat de activiteiten zijn afgerond, geldt deze mededeling als een aanvraag tot vaststelling van de uitkering. 2 Nadat Onze Minister de verantwoordingsinformatie, bedoeld in het eerste lid, heeft ontvangen, neemt Onze Minister binnen 22 weken na die ontvangst een beslissing op de aanvraag tot vaststelling van de uitkering. 3 Onze Minister stelt een uitkering overeenkomstig de verlening vast, tenzij: a.de activiteiten waarvoor de uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden; of b.niet is voldaan aan de aan de uitkering gebonden verplichtingen. 4 Intrekking of wijziging van een verlening van een uitkering werkt terug tot en met het tijdstip waarop de uitkering is verleend, tenzij bij intrekking of wijziging anders is bepaald.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.