Rijkswet Noodvoorzieningen Scheepvaart

Huidige tekst

Artikel 19 Rijkswet Noodvoorzieningen Scheepvaart

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    Als Onze Minister van de hem bij deze rijkswet verleende bevoegdheden gebruik wenst te maken ten aanzien van Arubaanse, Curaçaose of Sint Maartense zeeschepen of van in Aruba, Curaçao of Sint Maarten thuisbehorende vissersvaartuigen, dan wel van Nederlandse schepen, die een geregelde vaart uitoefenen op Aruba, Curaçao of Sint Maarten doet hij dit na overleg met de betrokken Gevolmachtigde Minister. Onze Minister stelt de Gevolmachtigde Minister van de getroffen maatregel in kennis.

  2. 2

    Als Onze Minister van de hem bij deze Rijkswet verleende bevoegdheden gebruik wenst te maken ten aanzien van Nederlandse vissersvaartuigen doet hij dit na overleg met Onze Minister van Landbouw en Visserij.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.