Rijkswet cassatierechtspraak in uitleveringszaken voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten

Huidige tekst

Artikel 3 Rijkswet cassatierechtspraak in uitleveringszaken voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten

Geldt sinds 1 januari 2004

  1. 1

    Het beroep in cassatie wordt ingesteld door een verklaring, af te leggen door degene die het rechtsmiddel aanwendt op de griffie van het Gemeenschappelijk Hof. Van verklaringen waarbij afstand wordt gedaan van het recht om beroep in cassatie in te stellen, of waarbij een zodanig beroep wordt ingetrokken, geeft de griffier van het Gemeenschappelijk Hof onverwijld kennis aan de Gouverneur.

  2. 2

    De akte, bedoeld in artikel 451, eerste lid, van het Wetboek, wordt door de griffier bij het Gemeenschappelijk Hof terstond bij fax toegezonden aan de griffier bij de Hoge Raad.

  3. 3

    Het beroep in cassatie moet binnen veertien dagen na dagtekening van de einduitspraak worden ingesteld, tenzij de opgeëiste persoon op die dag met de einduitspraak redelijkerwijs niet bekend kon zijn. In laatstbedoeld geval moet cassatie worden ingesteld binnen veertien dagen nadat zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de einduitspraak de opgeëiste persoon bekend is.

  4. 4

    De procureur-generaal is, op straffe van niet-ontvankelijkheid, verplicht binnen een maand nadat hij beroep in cassatie heeft ingesteld, bij de Hoge Raad een schriftuur in te dienen, houdende de middelen van cassatie.

  5. 5

    De opgeëiste persoon is, op straffe van niet-ontvankelijkheid, verplicht vóór de dienende dag bij de Hoge Raad door zijn raadsman een schriftuur te doen indienen, houdende de middelen van cassatie.

  6. 6

    De griffier bij het Gemeenschappelijk Hof handelt ten aanzien van de schriftuur overeenkomstig het tweede lid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2018:735Parket bij de Hoge Raad, 3 juli 2018 (strafrecht)

    Conclusie AG. Uitlevering aan de Verenigde Staten. Antilliaanse zaak. Uitlokking en dreigende flagrante inbreuk op artikel 6 lid 1 EVRM. Hof: er is geen ruimte voor het Hof zich uit te laten over de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.