Reglement van Orde van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

RVOEK

Huidige tekst

Artikel 47 RVOEK

Geldt sinds 6 juni 1995

  1. 1

    Indien bij toepassing van artikel 41, tweede en derde lid, twee of meer commissies een gezamenlijke inbrengvergadering houden, wordt het voorzitterschap van de vergadering waargenomen door de voorzitter die het langst zitting heeft in de Kamer. Bij gelijke zittingsduur gaat het oudste lid in leeftijd voor.

  2. 2

    Bij ontstentenis van de in het eerste lid genoemde voorzitter treedt als voorzitter op een van de overige voorzitters, aan te wijzen met overeenkomstige toepassing van het eerste lid.

  3. 3

    Bij ontstentenis van elk der voorzitters treedt als voorzitter op een met overeenkomstige toepassing van het eerste en tweede lid aan te wijzen ondervoorzitter.

  4. 4

    Het tweede lid van artikel 37 is van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.