Regels inzake de financiering van vut-lasten

Huidige tekst

Artikel 5 Regels inzake de financiering van vut-lasten

Geldt sinds 1 januari 1996

  1. 1

    De werkgever betaalt de verschuldigde vut-bijdrage, in twaalf evenredige termijnen aan het Vut-fonds. De betaling dient te geschieden voor het einde van de maand volgende op de uitbetalingstermijn waarop die bijdrage betrekking heeft.

  2. 2

    De werkgever voldoet de vut-vergoeding bedoeld in artikel 2, tweede lid, op basis van een declaratie van het bestuur van het Vut-fonds. In die declaratie wordt een opslag ter zake van uitvoeringskosten verdisconteerd.

  3. 3

    De werkgever is aan het Vut-fonds wettelijke rente verschuldigd over bedragen die niet of niet tijdig zijn voldaan.

  4. 4

    De betaling van de bijdrage en de aanlevering van de ter zake benodigde gegevens geschiedt overeenkomstig de uitvoeringsregels van het bestuur van de Stichting Pensioenfonds ABP d.d. 1 januari 1996 met betrekking tot het verstrekken van diensttijd, grondslaggegevens en incasso van pensioenpremies/bijdragen en met inachtneming van nader door het bestuur van het Vut-fonds verstrekte voorschriften.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.